Waarom spelen deze drie Nederlandse voetballers in Rusland, ondanks de oorlog?
In dit artikel:
Drie Nederlandse voetballers, Dylan Mertens (Fakel Voronezh), Glenn Bijl (KS Samara) en Myenty Abena (Spartak Moskou), speelden het afgelopen seizoen ondanks de oorlog anoniem in de Russische Premier Liga. Mertens, afkomstig uit de Keuken Kampioen Divisie, kon degradatie met zijn ploeg niet voorkomen en worstelde met de afstand tot zijn familie en de onrust in de regio Voronezh, waar regelmatig drone-aanvallen zijn. Na één seizoen wil hij Rusland weer verlaten, met interesse uit landen als Portugal en Frankrijk.
Glenn Bijl, de bekendste van de drie, heeft zich in vier jaar in Rusland genesteld, spreekt de taal en is een vaste waarde en aanvoerder bij KS Samara. Hij geeft weinig interviews en houdt zijn privéleven afgeschermd. Myenty Abena, voormalig speler van De Graafschap en met successen in Slowakije en Hongarije, speelt sinds afgelopen zomer bij Spartak Moskou, maar is daar nog geen onbetwiste basisspeler.
Russische clubs waren voorheen aantrekkelijk door hoge salarissen en deelname aan Europese toernooien, maar na de invasie van Oekraïne zijn ze uitgesloten van internationale competities en kampen ze met lege stadions. De spelers zitten in een complexe situatie: ondanks EU-sancties mogen ze spelen zolang hun club of eigenaar niet op de sanctielijst staat. Financiële transacties zijn lastig door het afgesloten Swift-systeem, waardoor spelers vaak via rekeningen in bijvoorbeeld Dubai geld overmaken. Reisbeperkingen en veiligheidsrisico’s door de oorlog bemoeilijken het verblijf verder.
Voormalig prof Evgeniy Levchenko benadrukt dat vrijwel alle clubs door de Russische overheid worden gefinancierd, waardoor buitenlandse spelers onbedoeld bijdragen aan het legitimeren van de Russische oorlogsvoering. Het voetbal in Rusland blijft daarom een “schijnwerkelijkheid,” waarbij het bestuur via de competitie een normaal beeld naar buiten wil uitstralen. Terwijl het kampioenschap recent werd beslist, hadden de drie Nederlandse spelers weinig te winnen en zochten ze bewust de privacy, met minimale mediabelangstelling en terughoudendheid in communicatie over hun situatie in Rusland.