Waarom inflatie niet alleen slecht nieuws is: hogere prijzen maken ook schulden 'goedkoper'
In dit artikel:
Het Centraal Bureau voor de Statistiek meldde dat de prijzen in mei jaar-op-jaar 3,5% hoger lagen, met energie (inclusief brandstof) als uitschieter: circa 10% duurder. Economen verwachten dat die inflatiedruk de komende maanden verder doorwerkt; hogere energiekosten sijpelen door naar andere producten zoals voeding en naar diensten (bijv. vliegtickets), waardoor consumenten nog meer prijsstijgingen te verduren krijgen.
Inflatie heeft echter ook positieve effecten. Omdat geld in reële termen minder waard wordt, slinkt de reële last van vaste schulden zoals hypotheken: je betaalt nominal hetzelfde, maar de schuldrepresentatie daalt in koopkracht. Vakbonden streven naar het behoud of herstel van koopkracht, en dat vertaalt zich in hogere loonafspraken. Werkgeversvereniging AWVN signaleert dat nieuwe cao’s inmiddels sneller in loonstijging lopen; waar in maart de stijging nog onder 3% lag, ligt die in april en mei hoger. De krappe arbeidsmarkt dwingt werkgevers mee te betalen om personeel te behouden.
Bedrijven kunnen ook baat hebben bij gematigde inflatie: wie prijzen kan verhogen, ziet omzet stijgen en kan zo (deels) hogere loonkosten en schulden aflossen. ING-econoom Marcel Klok waarschuwt wel dat hoge inflatie schadelijk is (hij wijst op extremen zoals Zimbabwe); deflatie is evenmin wenselijk omdat consumenten aankopen uitstellen en de economie inkrimpt. Klok noemt inflatie “de smeerolie voor de economie”: bij een matig tempo (rond 2%) kunnen minder concurrerende bedrijven geleidelijk verdwijnen en efficiëntere bedrijven personeel en productie overnemen, wat op langere termijn de economie kan versterken. Daarom streven beleidsmakers wereldwijd naar een stabiele, lage inflatie rond dat niveau.