Waarom Antwerpenaren sinjoren heten: zo groot is de invloed van Spanje op de stad

donderdag, 5 november 2026 (06:35) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Antwerpen herdenkt deze week de Spaanse Furie van 4 november 1576, toen Spaanse troepen de stad plunderden en zwaar geweld gebruikten. Toch is de Spaanse invloed niet alleen een historische herinnering: ze leeft voort in Antwerpse woorden, stadswijken en monumenten.

De bijnaam “Sinjoren” is afgeleid van het Spaanse señor. Oorspronkelijk werden Antwerpse notabelen zo aangesproken door de bezetters; later werd het een geuzennaam voor inwoners die in de historische binnenstad zijn geboren uit twee Antwerpse ouders. De stad gebruikt de term ook in de campagne Opsinjoren, die sinds 1997 buurtinitiatieven ondersteunt. Inwoners zonder Antwerpse afkomst worden soms “pagadders” genoemd. Die naam wordt onder meer in verband gebracht met tolheffing aan de stadspoorten of met Spaanse betaalmeesters die soldij en voedsel voor het leger regelden. Een pagaddertoren, een uitkijktoren voor schepen die tol moesten betalen, staat nog in de Hofstraat.

De Spaanse omwalling uit 1542 verdween grotendeels aan het einde van de 19e eeuw om plaats te maken voor de Leien. Bij recente werken kwamen delen en poorten opnieuw aan het licht. Aan de zuidrand van de stad lag vroeger het fort van de hertog van Alva, ook de Spaanse citadel of het Zuidkasteel genoemd. Het bolwerk moest Antwerpen onder controle houden en stond op de plek van de huidige wijk het Zuid en het KMSKA.

Ook de Waterpoort herinnert aan de Spaanse overheersing. De ereboog werd in 1642 gebouwd voor Filips IV, hoewel de koning Antwerpen nooit bezocht. Het monument stond eerst aan de Vlasmarkt, verhuisde in 1880 naar de Sint-Jansvliet en kwam in de jaren 1930 op het Zuid terecht. Het draagt nog altijd het Habsburgse wapenschild.

De Spaanse machthebbers drukten bovendien hun stempel op de religieuze status van de stad. In 1559 werd de Onze-Lieve-Vrouwekerk onder Filips II tot kathedraal verheven. Het Antwerpse stadsbestuur en lokale geestelijken waren daartegen, omdat ze geen grotere inmenging van een bisschop wilden in een handelsstad met onder meer calvinistische en joodse inwoners. Een pauselijke bul maakte de verheffing toch mogelijk. Filips II liet in 1564 ook zijn wapen op het stadhuis aanbrengen als teken van zijn macht tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Dave Maasland vertelt In de Wandelgangen over zijn nieuwe tv-programma: 'Ik hoop echt...'