Vuurwerk was altijd al volkomen nutteloos maar van een verschrikkelijke schoonheid

dinsdag, 30 december 2026 (16:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Samuel Johnson verzette zich in de achttiende eeuw al tegen vuurwerk als verkwisting: het spektakel kost veel en verdwijnt direct weer. Juist die vluchtigheid is volgens de auteur echter de kern van vuurwerk—een dure, esthetische explosie die mensen raakt door schoonheid, schrik en verwondering. In Nederland alleen al werd in 2024 voor naar schatting 118 miljoen euro aan vuurwerk afgestoken; het eindigt als vluchtige herinnering.

Vuurwerk heeft oude wortels in Azië (hoewel de precieze oorsprong Chinees of mogelijk Indiaas is). Oorspronkelijk veroorzaakten verbrande bamboestokken knallen, later verbeterd met buskruit—een mengsel van salpeter, zwavel en houtskool dat Chinese alchemisten ontdekten. Rond 1300 bereikte buskruit Europa. In de loop der eeuwen veranderde vuurwerk van vorstelijk staatsvertoon—denk aan Händels Music for the Royal Fireworks in 1749—naar massaconsumptie, vooral na de Tweede Wereldoorlog. In Italië werkten grote kunstenaars en technisch begaafde pyrotechnici aan spectaculaire shows; sommige vroege pyrotechnici experimenteerden zelfs met levende ladingen en parachutes en ontwikkelden als eersten gekleurd vuurwerk. Pas in de negentiende eeuw werden de hedendaagse kleuren gangbaar.

De grens tussen kunst en kitsch is dun: veel shows ogen als overdadige glitter zonder diepere verhaallijn. Drones veranderen daar volgens de schrijver weinig aan; het blijft vaak een soort Eurovisie-achtig visueel festijn. Toch bestaan er uitzonderingen: de Chinese kunstenaar Cai Guoqiang tilt vuurwerk naar een ander niveau door letterlijk met buskruit te 'schilderen'. Zijn projecties op het Centre Pompidou en vooral de in 2015 uitgevoerde ‘gouden ladder’—een eenvoudige, prachtig uitgevoerde rij stijgende lichten—tonen hoe vuurwerk als kunst kan werken.

Met het aangekondigde nationale vuurwerkverbod dat volgend jaar ingaat, verdwijnt veel consumentenvuurwerk. De auteur suggereert dat het sublieme voortaan vooral door kunstenaars moet worden geleverd: door zorgvuldig ontworpen, verhalende vuurwerkkunst in plaats van alledaags consumentenspektakel.