Voucherregeling opnieuw op tafel?
In dit artikel:
ANVR-directeur Frank Radstake zegt dat er momenteel geen vraag is van reisbrancheleden om opnieuw een voucherregeling te introduceren zoals tijdens de coronapandemie, ondanks de onrust rond de crisis in het Midden-Oosten. In Nederland en binnen de sector heerst rust; men bereidt zich wel voor op mogelijke crises, maar werkt niet actief aan een nieuw vouchersysteem.
Tijdens corona werd in korte tijd door onder meer ANVR en SGR in Nederland een voucherarrangement opgezet toen massale annuleringen en liquiditeitstekorten het onmogelijk maakten om binnen de wettelijke termijn van 14 dagen terug te betalen. Destijds verleende de Europese Commissie uitzonderlijke ruimte om af te wijken van normale regels. Die praktijk wordt nu vormgegeven in een nieuwe Europese richtlijn voor pakketreizen: voortaan mag in uitzonderlijke, onvermijdelijke omstandigheden tijdelijk met vouchers worden gewerkt. De richtlijn is aangenomen, maar moet nog in nationale wetgeving worden omgezet en treedt pas over ongeveer 30 maanden in werking.
De actuele vraag is of lidstaten eerder mogen voorlopen op die komende regels. Bulgarije vroeg de Europese Commissie of landen nu al een vouchersysteem mogen invoeren op basis van regelgeving die nog niet formeel geldt. Radstake legt uit dat dit samenhangt met staatssteun- en EU-wetgeving: afwijking van de regels kan alleen met expliciete toestemming van de Commissie, zoals in 2020 gebeurde. Hij benadrukt dat vouchers bedoeld zijn voor extreme situaties waarin bedrijven niet kunnen terugbetalen, en dat die voorwaarden nu niet aan de orde zijn.
Kortom: de sector is ervaren en voorbereid — destijds kon een regeling binnen 48 uur worden opgezet — maar er is op dit moment geen aanleiding om een nieuw voucherplan bijeen te roepen. De beslissing of lidstaten eerder mogen handelen ligt bij de Europese Commissie.