"Voortrekkerij" en "instructies alleen op papier en post-its": vernietigend rapport over vredegerecht in Zaventem

woensdag, 25 maart 2026 (14:21) - VRT Nieuws

In dit artikel:

De Hoge Raad voor Justitie (HRJ) concludeert na een bijzonder onderzoek dat het vredegerecht van Zaventem structureel faalt in de controle op bewindvoeringen. Het onderzoek, dat volgde op dertien klachten over de afgelopen jaren, brengt in kaart dat problemen niet incidenteel zijn maar samen een patroon van disfunctie vormen: gebrekkige selectie van bewindvoerders, chaotisch dossierbeheer, onvoldoende financiële controle, willekeurige vergoedingen en een reëel risico op belangenvermenging en fraude.

Bewindvoering is de maatregel waarbij een vrederechter iemand aanstelt om de financiën van een meerderjarige te beheren wanneer die persoon daartoe zelf niet meer bekwaam is. Volgens de HRJ ontbreken in Zaventem duidelijke selectiecriteria; bewindvoerders worden vooral gekozen op basis van vertrouwen en persoonlijke ervaring van de vrederechter, en niet altijd afgestemd op de noden van de beschermde persoon. Van de 51 professionele bewindvoerders behandelen er zeven meer dan de helft van de dossiers; één persoon duikt opvallend vaak op in zaken met grote vermogens — een patroon dat de HRJ beschrijft als aanwijzingen van favoritisme.

De administratieve afhandeling is slordig: dossiers zijn onoverzichtelijk, ontbreken vaak inventarisaties en worden grotendeels op papier beheerd — instructies circuleren soms via post-its. Jaarverslagen worden slecht opgevolgd; in een voorbeeld ontbreekt er sinds januari 2024 elk verslag. Financiële controle is fragmentair en valt hoofdzakelijk samen met de vrederechter zelf, waardoor ernstige fouten soms pas na jaren aan het licht komen. Het rapport noemt concrete cases: een achterstallige betaling van bijna 30.000 euro aan een woonzorgcentrum en een onterechte huurbetaling van 1.000 euro die alleen bij vervanging van de bewindvoerder werden ontdekt.

Ook vergoedingen blijken ongereguleerd: er is geen uniform beleid en in de praktijk lijkt vaak toegekend te worden wat bewindvoerders aanvragen. De HRJ geeft voorbeelden van sterk uiteenlopende commissies bij vastgoedverkopen en hoogoplopende onkostenvergoedingen voor buitenlandse reizen — waaronder tienduizenden euro’s voor een trip naar Zwitserland met onduidelijke rechtvaardiging en bewijsvoering.

De HRJ waarschuwt dat zulke tekortkomingen de kern van de beschermingsopdracht — het bewaken van het vermogen van kwetsbare personen — ondermijnen. Er is bovendien geen formele klachtenprocedure, waardoor problemen slecht zichtbaar en moeilijk aan te pakken zijn.

De vrederechter in Zaventem reageert verontwaardigd, wijst op personeelstekort en verdedigt frequent aangestelde bewindvoerders; hij noemt beschuldigingen onder meer onjuist en lasterlijk. De HRJ heeft haar bevindingen overgemaakt aan de procureur-generaal van Brussel, de korpschefs, de minister van Justitie en het parlement, en roept op tot vervolgonderzoeken door straf- en tuchtautoriteiten. Volgens Daniel Van den Bossche, voorzitter van de HRJ-onderzoekscommissie, mogen de geconstateerde knelpunten niet worden aanvaard en vereist de situatie betere omkadering van familiale bewindvoerders, onder meer via het bestaande Steunpunt Bewindvoering.