Voor tv-maker Linda Geerdink kan het niet gek genoeg
In dit artikel:
Linda Geerdink, opgegroeid in Winterswijk in de Achterhoek, verliet op haar zeventiende haar geboortestreek uit verlangen naar avontuur en een carrière in de podiumkunsten. Na audities aan verschillende toneelscholen werd ze toegelaten tot de toneelschool in Eindhoven, waar ze zich inzette voor cabaret en werd betrokken bij het werk van bekende cabaretiers als Theo Maassen. Hoewel ze het land doortrok met haar optredens, vond ze het moeilijk door te breken in de grotere theaters en besloot daarna over te stappen naar televisie.
Haar passie voor verhalen vertellen leidde haar van achter de schermen bij kinderprogramma’s zoals Willem Wever naar het presenteren voor de camera. Linda ontwikkelde zich tot veelzijdig presentator en verslaggever, onder meer voor NPO-journalistiek en WNL, waar ze live interviews hield en zich niet schuwde voor extreme situaties, zoals het uitleggen van het uitklimmen uit een wak. Momenteel werkt ze bij Omroep Gelderland, waar ze naast presenteren ook eigen programma’s maakt, zoals "Linda Breekt UIT!", waarin ze actief meedoet aan bijzondere activiteiten, zoals trainingen met atleten voorafgaand aan de Olympische Spelen.
Deze week doet Geerdink verslag van Alpe d’HuZes in Frankrijk, een intensieve wielerevenement om geld op te halen voor kankeronderzoek. Ze raakt maatschappelijk betrokken bij dit evenement, dat ze tien jaar geleden eveneens versloeg, en benadrukt de nog steeds urgente strijd tegen kanker.
Geerdink woont inmiddels twintig jaar in Arnhem, samen met haar partner Rob Spijker, en voelt zich sterk verbonden met de stad. Ze is betrokken bij lokale geschiedenis, met name rondom de Tweede Wereldoorlog en de Airborne, en bracht dit bijvoorbeeld in beeld via een podwalk en televisieserie over de bevrijding van Gelderland. Arnhem waardeert ze onder meer om de John Frostbrug, die haar inspireert met de combinatie van historische betekenis en symboliek.
Ondanks dat ze aanvankelijk actrice of cabaretière wilde worden, vindt ze dat het maken van verhalen met echte mensen nu beter bij haar past. Haar motto “Doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg” contrasteert met haar eigen liefde voor het uiterste en het avontuur. Ze kijkt met tevredenheid terug op haar loopbaan en heeft nog geen spijt van de keuzes die ze maakte.