Voor Pakistan is bemiddelen tussen de Iran en VS heel logisch
In dit artikel:
Verenigde Staten en Iran zouden op het punt staan directe gesprekken te voeren om de oorlog te beëindigen; dat maakte de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Johann Wadephul deze week bekend tijdens de G7-top in Frankrijk. Pakistan is volgens hem naar voren geschoven als onverwachte bemiddelaar en mogelijk gastland voor de besprekingen, vermoedelijk in Islamabad.
Dat Pakistan zich aanbiedt als tussenpersoon is opvallend: het land heeft weinig ervaring met grootschalige Midden-Oosterse bemiddeling, onderhoudt geen diplomatieke banden met Israël en is zelf nog betrokken bij spanningen met buurland Afghanistan. Toch ligt het ook voor de hand dat Islamabad een rol speelt. Pakistan onderhoudt goede betrekkingen met zowel Teheran als Washington, heeft een grote sjiitische minderheid en is economisch afhankelijk van olie- en gasleveranties uit het Midden-Oosten. De binnenlandse gevolgen van de oorlog — stijgende brandstofprijzen en economische druk — vergroten de motivatie om het conflict te beëindigen.
Politiek en militair gezien wil Pakistan niet in een bredere regionale confrontatie worden meegesleept; het land sloot vorig jaar een veiligheidspact met Saoedi-Arabië maar wil zijn belangen — en zijn status als kernmacht — beschermen. Succesvolle bemiddeling zou Islamabad internationaal aanzien en manoeuvreerruimte kunnen opleveren, en tegelijk Indiase pogingen om Pakistan te isoleren kunnen ondermijnen, aldus analisten.
Wie precies aan tafel komt is nog onduidelijk; namen die circuleren zijn onder meer de Amerikaanse vicepresident JD Vance en de Iraanse parlementvoorzitter Mohammad Ghalibaf. De uitkomst is onzeker: de betrokken landen zijn onvoorspelbaar en het ontbreken van Israël bij het proces kan het initiatief verzwakken.