Von der Leyen verdedigt CO2-heffing tegen kritiek uit industrie
In dit artikel:
Ursula von der Leyen heeft op de European Industry Summit in Antwerpen het Europese Emissions Trading System (ETS) krachtig verdedigd tegenover vooral energie-intensieve bedrijven, waaronder de chemische sector. Het ETS is een ‘cap-and-trade’-systeem waarbij jaarlijks een dalend plafond voor CO2-uitstoot wordt vastgesteld en bedrijven uitstootrechten moeten kopen; momenteel kost een ton CO2 ongeveer €80. Zware industrieën krijgen deels gratis rechten, maar veel bedrijven klagen dat de heffing hun kosten opjaagt en de concurrentiepositie schaadt.
Von der Leyen weerlegde dat het ETS economische groei belemmert: sinds 2005 zouden de uitstootcijfers met 39% zijn gedaald terwijl de economie in ETS-sectoren met 71% is gegroeid. Haar kernpunt was dat het probleem niet zozeer in het systeem zelf zit, maar in hoe lidstaten de opbrengsten besteden. Ongeveer driekwart van de inkomsten vloeit naar nationale begrotingen; de overige circa 25% gaat naar het Europese Innovatiefonds (ongeveer €100 mrd) voor schone technologie. Volgens de Commissievoorzitter investeren lidstaten momenteel minder dan 5% van ETS-inkomsten in industriële verduurzaming, iets wat zij als ontoereikend bestempelde.
De chemische branche (Cefic) noemt het systeem ‘achterhaald’ en vraagt verlichting, vooral gezien hoge energieprijzen en internationale concurrentie buiten Europa. Von der Leyen kondigde aan dat de Europese Commissie eind juli met hervormingsvoorstellen komt, waarbij het terugleiden van meer ETS-inkomsten naar bedrijven een centraal thema wordt. Ze riep lidstaten op te stoppen met het gebruiken van deze gelden voor reguliere uitgaven zoals pensioenen en meer te investeren in de groene transitie van de industrie.