Vogels met opvallende veergeluiden

dinsdag, 10 februari 2026 (10:46) - Vogelbescherming

In dit artikel:

Vogels gebruiken niet alleen zang of snavelgeluiden: sommige soorten produceren hoorbare signalen met hun veren. Die veergeluiden ontstaan op verschillende manieren en vervullen uiteenlopende functies — van partnerlokking en territoriumafbakening tot alarmkreten, contactroepen en dominantiegedrag.

In Nederland kun je drie typen veergeluiden zo tegenkomen. De watersnip (de zogenaamde hemelgeit) laat in het voorjaar bij schemering vanaf baltsvluchten een zacht, blaatachtig geluid horen. Mannetjes spreiden en laten hun buitenste staartpennen trillen tijdens een duikvlucht; de luchtstroom over deze stijvere, asymmetrische veren veroorzaakt het brommende geluid waarmee territoria worden afgebakend en indruk wordt gemaakt op vrouwtjes. Knobbelzwanen produceren een veraf draagend, ritmisch suizen tijdens het overvliegen: hun grote, stijve vleugelveren verplaatsen veel lucht, waardoor tijdens de krachtige vleugelslagen een fluitend geluid ontstaat dat als contactroep over grote afstanden functioneert. Houtduiven maken een scherp klappend geluid met een doelbewuste, krachtige, abrupte vleugelslag wanneer ze plots opvliegen; mannen gebruiken die klap in balts en confrontatie, en het werkt ook als alarmteken voor soortgenoten en mogelijke roofdieren.

Ver van Nederland zijn nog extremere vormen van veergeluid geëvolueerd. De stompveermanakin (Andes, Colombia/Ecuador) is een specialist: het mannetje heeft verdikte vleugelveren die tijdens uiterst snelle trillingen langs elkaar schrapen als een strijkstok op een snaar. Die aanpassing vereist massieve vleugelbotten en beperkt de vliegcapaciteit, maar vrouwtjes selecteren mannetjes sterk op toon, duur en stabiliteit van dit geluid — zonder het veergeluid geen nakomelingen. Anna’s kolibrie (westkust VS/Canada) combineert spectaculaire duikvluchten met een korte fluittoon op het moment dat het mannetje uit de duik omhoogtrekt; het fluitje ontstaat wanneer lucht langs specifiek gevormde buitenste staartveren stroomt en hen laat vibreren. Bij het auerhoen (Scandinavië, noordwestelijk Rusland) versterkt zwaar, dof vleugelgeroffel de baltsvoorstelling: brede vleugels verplaatsen veel lucht en geven een massig geluid dat zowel indruk maakt op vrouwtjes als dreigend kan werken richting mannelijke rivalen.

Het fenomeen toont hoe veergebouwen en luchtstromen creatief worden ingezet als communicatiemiddel: soms eenvoudig door massa en vorm, soms door extreme morfologische specialisatie aangedreven door seksuele selectie.