Voetbaltrainer Henk ten Cate groeide op in Oost: 'Mij noemde ze een bruine'

zondag, 22 maart 2026 (15:02) - Het Parool

In dit artikel:

Henk ten Cate (71), oud-trainer van Ajax en momenteel bondscoach van Suriname, vertelt in dit interview over zijn Amsterdamse jeugd, familiewortels en zijn relatie met de stad nu. Ten Cate groeide op in een welgestelde familie: zijn grootvader, die Wurlitzers importeerde en een winkel had in de Vijzelstraat, was beroepsmilitair en trok met zijn gezin in 1946 naar Nederland. Zijn ouders leerden elkaar kennen bij een bokswedstrijd; boksen en zeevaart speelden een rol in het familiemilieu: zijn oom en vader waren kampioenen en zijn vader voer lange tijd op de grote vaart.

Hij bracht zijn vroege jaren door in de Jordaan en vanaf zijn derde in Kattenburg bij de familie van zijn moeder, waar hij ook Surinaamse cultuur en taal oppakte. Ten Cate benadrukt dat dat opgroeien met een Surinaamse moeder zijn band met die cultuur heeft gevormd: “een kind wordt opgevoed door zijn moeder”, zoals hij het samenvat. In de jaren vijftig en zestig waren donkere mensen in Amsterdam zeldzaam; hij ervoer aanvankelijk geen stelselmatige discriminatie, maar kende wel scheldwoorden en voelde het verschil later, vooral als voetballer. Na de Surinaamse onafhankelijkheid in 1975 nam de Surinaamse gemeenschap in Nederland sterk toe en veranderde de publieke blik: stereotiepe beeldvorming en incidenten zorgden voor wantrouwen en verharding in hoe men naar Surinamers keek.

Talent voor voetbal bepaalde zijn loopbaan: hij wilde voetballer worden en werd professioneel. Als jongen zat hij even bij Ajax, maar kwam al snel terug naar zijn buurtclub omdat hij zich niet op zijn gemak voelde in de hoogcompetitieve jeugdomgeving. Vanaf zijn twintigste werkte hij voornamelijk buiten Amsterdam; op enig moment keerde hij kort terug om Ajax te trainen. Desondanks noemt hij zich nog steeds Amsterdammer: veel herinneringen blijven verbonden aan plaatsen als de Oostenburgergracht en lagere school, en hij bezoekt soms zijn oude buurt.

Over de stad zelf is hij positief verrast door de recente renovaties en het uiterlijk van Amsterdam. Zoals hij zegt na de aankoop van een sloep: “Pas toen ik een sloep kocht, zag ik hoe mooi Amsterdam is.” Vanaf het water ervaart hij de stad rustiger en waardevoller dan al lopend. Tegelijk signaleert hij een verharding in maatschappelijke uitspraken; hij noemt onder meer het vrijmoediger uiten van antisemitische opmerkingen als verontrustend vergeleken met de sfeer tijdens zijn jeugd.

Privé woont Ten Cate formeel in Spanje en heeft in Amstelveen een appartement; een definitieve terugkeer naar Nederland hangt volgens hem mede af van belastingvoorwaarden. Over zijn rol als bondscoach van Suriname in de aanloop naar de WK-kwalificatie is hij duidelijk en optimistisch: hij voelt verantwoordelijkheid en spreekt zich met vertrouwen uit dat zijn ploeg naar het WK zal gaan. Hij benadrukt dat selectie niet alleen om de elf beste spelers draait, maar om de juiste samenstelling en onderlinge combinaties. Hoewel hij veel naar het toernooi toeleeft, zegt hij er niet wakker van te liggen; de focus ligt op tactiek en teamvorming. Ten Cate merkt ook op dat Surinamers doorgaans minder nationalistisch reageren dan sommige andere diasporagroepen, en dat supportersgedrag daarom vaak rustiger verloopt.