Vincent van Gogh schilderde in geel het synoniem van zonlicht, warmte en affectie; dat had hij in zijn leven het meeste nodig | Kunst kijken met Eric Bos

maandag, 23 maart 2026 (09:59) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Het Van Gogh Museum in Amsterdam presenteert de tentoonstelling Geel, voortgekomen uit onderzoek naar de gele tinten in Van Goghs eigen Zonnebloemen (1888–1889). De expositie verkent geel als materiaal, symbool en emotie: van pigmenten en okerbrokken tot psychologische effecten en de manier waarop kunstenaars zonlicht en spiritualiteit met geel verbeelden.

Op de bovenverdieping gaat de installatie Colour experiment (2015) van Olafur Eliasson direct op de zintuigen in; door monofrequente lampen verdwijnen alle kleuren langzaam en blijft alleen geel over — “Geel is een kleur die je overweldigt,” zegt hij. Naast Eliasson toont het museum werken van Van Gogh zelf (zoals Het gele huis in Arles, De opwekking van Lazarus en Tarweveld met maaier bij opkomende zon) waarin geel zowel levenslust als, in sommige werken, een bijna doodse lading krijgt. Ook collega’s als Marc Chagall, Aristide Maillol en Hilma af Klint zijn vertegenwoordigd; zij gebruikten geel royaal ter aanduiding van zon, spiritualiteit en warmte.

De tentoonstelling plaatst de kleur ook in materieel-historisch perspectief. Eind 19e eeuw kwamen synthetische geeltinten op — cadmiumgeel, chroomgeel (loodchromaat), Napelsgeel en citroengeel — die schilders nieuwe mogelijkheden gaven; een citroengele appel bij Manet (1880) illustreert dat. Tegelijkertijd blijft de oudere okerfamilie zichtbaar: vitrines tonen potjes met okerpigmenten en een ruwe brok natuurkleurig oker. Bezoekers worden via beelden en een suggestieve verwijzing naar de okergroeve van Roussillon meegenomen naar het landschap dat Van Gogh naar het zuiden trok en waar hij, vanuit Arles, helder loodchromaat gebruikte om zonlicht en affectie op het doek te leggen.

Praktisch: Geel is dagelijks te zien in het Van Gogh Museum in Amsterdam (9–18 uur) tot en met 17 mei.