VIDEO: Ollongren live op TV vernederd door Iraanse schrijver: "De Mullahs lachen u keihard uit"
In dit artikel:
Kajsa Ollongren, tegenwoordig aangesteld als EU-gezant voor de mensenrechten, werd recent op WNL Op Zondag fel bekritiseerd door schrijver Keyvan Shahbazi tijdens een discussie over de repressie in Iran. Shahbazi, die volgens het stuk meer inzicht heeft in de werking van het regime in Teheran, sneed door Ollongrens diplomatieke praatjes heen en zei in de uitzending: "Ze halen hun schouders op en lachen u uit." Die ene zin vormt volgens de schrijver een harde ontmaskering van wat hij ziet als de zwakte en naïviteit van de Europese aanpak.
De auteur gebruikt het fragment om bredere kritiek te formuleren op het Europese buitenlandbeleid: te veel bureaucratie, teveel symbolische handelingen (brieven, resoluties, woorden van “bezorgdheid”) en te weinig harde, afschrikwekkende macht. Europa wordt neergezet als intern verdeeld, energiekwetsbaar en terughoudend om echte kosten of risico’s te accepteren — eigenschappen die autoritaire regimes volgens het stuk uitnodigen om door te gaan met onderdrukking en executies. Als tegenvoorbeeld wordt de Verenigde Staten (onder verwijzing naar een vermeende tweede termijn van Donald Trump in 2026) genoemd, waar men volgens de auteur wél bereid is macht te gebruiken, bijvoorbeeld door financiële druk of dreiging met militair ingrijpen.
Ollongren krijgt in het betoog vooral het verwijt dat haar uitspraken vooral dienen om het geweten van Brusselse kringen te sussen en haar eigen CV te pimpen: ze zou meer oog hebben voor diplomatieke rituelen dan voor concrete maatregelen die het Islamitische Bewind in Iran pijn doen, zoals het vroegtijdig opsommen van de Revolutionaire Garde op terreurlijsten. De kritiek gaat verder: Europa reageert te laat bij protesten en eerste executies, en leiders vrezen escalatie in plaats van daadkracht.
Het origineel tekstfragment is duidelijk een polemisch opinienstuk met een campagneachtige ondertoon — het roept lezers op een bepaalde tegenpartij en een onafhankelijke pers te steunen en bevat scherpe retoriek tegen D66 en “de elite”. Als kernboodschap blijft staan: het stukje eist een realistischer, steviger buitenlands- en mensenrechtenbeleid dat afschrikking boven diplomatiek ceremonieel plaatst, en prijsgeeft dat veel kiezers en activisten gefrustreerd zijn over wat zij zien als zinloze symboliek tegenover levensgevaarlijke repressie in landen als Iran.