Vervoer goederen moet van vrachtwagen naar trein om chaos op de weg te voorkomen: 'Maar spoor is krakkemikkig en duur'
In dit artikel:
Nederland slaagt er tot nu toe niet in om het spoorgoederenvervoer substantieel te laten groeien, ondanks ambitieuze doelstellingen richting 2030. Belanghebbenden—overheid, havens (zoals Rotterdam), vervoerders en infra‑beheerder ProRail—worstelen met een combinatie van knelpunten: beperkte spoorcapaciteit en rangeer‑/terminals, last‑mileconnectiviteit, knelpunten bij grensoverschrijdende afhandeling en planning, en prijsconcurrentie met wegtransport. Daardoor blijft betrouwbaarheid en frequentie voor veel verladers onvoldoende om van de weg naar het spoor te schakelen. Oplossingen die regelmatig naar voren komen zijn gerichte investeringen in terminals en spoorinfrastructuur, betere coördinatie tussen publieke en private partijen, financiële prikkels of tariefherzieningen om rail aantrekkelijker te maken, digitalisering voor efficiëntere planning en snellere grensprocedures, en internationale afstemming op interoperabiliteit. Zonder samenhangende maatregelen op deze gebieden blijft het lastig om de gewenste modal shift naar spoor vóór 2030 te realiseren.