Verkiezingen, stemrecht en de groeiende invloed van rechters - Tamarah Benima

vrijdag, 30 oktober 2026 (08:30) - Nijmans Nieuwsbriefje

In dit artikel:

In Brazilië, de Verenigde Staten en Israël kregen de hooggerechtshoven volgens het artikel een belangrijke, zij het uiteenlopende rol bij verkiezingen en de politieke machtsverhoudingen. Dat roept vragen op over rechterlijke onafhankelijkheid, verkiezingsvertrouwen en de grens tussen rechtspraak en politiek.

In Brazilië werd Luiz Inácio Lula da Silva volgens het artikel opnieuw tot president gekozen. Flávio Bolsonaro, senator en presidentskandidaat, vertrok een dag na zijn verkiezingsnederlaag naar de Verenigde Staten nadat rechter Alexandre de Moraes van het Braziliaanse Hooggerechtshof had bevolen dat hij zijn paspoort moest inleveren. Tegen Flávio lopen onderzoeken wegens onder meer witwassen en smaad. Hij had Lula bovendien beschuldigd van drugshandel en witwassen.

Ook tegen zijn vader Jair Bolsonaro, president van 2019 tot en met 2022, liep een zaak. Hij werd beschuldigd van betrokkenheid bij een poging tot staatsgreep en in 2025 door het Hooggerechtshof veroordeeld tot 27 jaar en drie maanden gevangenisstraf. Vanwege gezondheidsproblemen staat hij onder huisarrest. De Moraes was bij verschillende onderzoeken tegen de Bolsonaro’s betrokken als onderzoeksrechter of toezichthouder. Daardoor zien aanhangers van de familie de procedures als ‘lawfare’: het gebruik van juridische middelen om politieke tegenstanders uit te schakelen.

De kritiek wordt versterkt door beschuldigingen aan het adres van De Moraes. Zijn echtgenote zou naar schatting 22 miljoen dollar aan steekpenningen hebben ontvangen; de Braziliaanse politie onderzoekt die aantijgingen. Ook journalist Glenn Greenwald heeft De Moraes eerder verweten de vrijheid van meningsuiting te beperken en onvoldoende eerlijke processen te waarborgen. Het artikel plaatst daarnaast vraagtekens bij de beslissing om sommige stemlokalen langer open te houden en bij de controleerbaarheid van elektronische stemmachines, die volgens de auteur geen papieren stembewijs afgeven. Concrete invloed daarvan op de verkiezingsuitslag is volgens het artikel niet vast te stellen.

In de Verenigde Staten stonden op 3 november de zogenoemde midterms op het programma. Alle 435 zetels in het Huis van Afgevaardigden en 35 van de 100 Senaatszetels waren verkiesbaar, naast enkele zetels voor Amerikaanse gebieden zonder volwaardig stemrecht. De inzet was of de Republikeinse meerderheid in beide kamers behouden bleef. Als de Democraten meerdere zetels zouden winnen, konden zij het beleid van president Donald Trump blokkeren en eventueel een derde impeachmentprocedure starten. Daarvoor moet het Huis een aanklacht indienen en vervolgens een tweederdemeerderheid in de Senaat voor veroordeling stemmen.

Het Amerikaanse Hooggerechtshof besliste vooraf over uiteenlopende verkiezingskwesties, waaronder de herindeling van kiesdistricten, identificatieplicht, controle van kiesregisters en de vraag of staten kort voor de verkiezingen hun regels mochten aanpassen. Volgens het artikel probeerde het hof zich grotendeels terughoudend en neutraal op te stellen. Tegelijk wordt de blokkade van een landelijke identificatieplicht als opmerkelijk beschouwd, omdat kiezers in veel andere landen wel verplicht zijn zich te identificeren.

In Israël speelde het Hooggerechtshof zowel een rol bij de verkiezingsregels als bij de bredere machtsstrijd rond de rechterlijke macht. De verkiezingen vonden plaats in een sterk verdeelde samenleving, waarin religieuze en rechtse partijen aan invloed winnen en seculiere en progressieve Joden vrezen dat hun positie verzwakt. Een eerdere poging van de regering-Netanyahu om de benoeming van rechters politieker te maken, leidde tot massale protesten. Na de verkiezingen zou een nieuwe, politiekere benoemingsprocedure alsnog van kracht worden.

De partij Yashar van voormalig legerchef Gadi Eisenkot behaalde volgens de voorlopige uitslag 21 zetels, tegenover 27 voor Netanyahus Likud. Omdat geen duidelijke meerderheid ontstond, konden de Arabische partijen Joint en Ra’am een sleutelrol krijgen. Zij wonnen samen twintig zetels, nadat het Hooggerechtshof een eerder verbod van de centrale kiescommissie had teruggedraaid. De partijen waren aanvankelijk uitgesloten op grond van regels tegen partijen die het joodse en democratische karakter van Israël niet erkennen, tot racisme zouden aanzetten of gewapende strijd tegen Israël zouden steunen.

Samenwerking met deze partijen ligt politiek en emotioneel gevoelig. Verschillende kandidaten en hun familieleden verloren na de Hamas-aanval van 7 oktober 2023 naasten. Eisenkot had samenwerking met de Arabische partijen voor de verkiezingen uitgesloten, waardoor het onzeker bleef of hij hen zou inschakelen om Netanyahu uit de macht te houden. Ook de vorming van een coalitie met nationalistische, seculiere, linkse en religieuze partijen zou uiterst moeilijk zijn.

Een tweede Israëlisch twistpunt was de instelling van een onafhankelijke staatscommissie naar het falen rond 7 oktober. Netanyahu stelde zo’n commissie nog niet in en wilde een bredere samenstelling met vertegenwoordigers van coalitie, oppositie en nabestaanden. Gewoonlijk benoemt de president van het Hooggerechtshof de leden en voorzitter van zo’n commissie. Daarmee zou het hof opnieuw aanzienlijke invloed krijgen.

De centrale conclusie van het artikel is dat hooggerechtshoven in alle drie de landen niet alleen juridische geschillen beslechten, maar ook rechtstreeks invloed hebben op deelname aan verkiezingen, stemprocedures, vervolgingen en coalitievorming. Of die invloed bescherming biedt tegen machtsmisbruik of juist politieke polarisatie versterkt, blijft volgens de auteur uiteindelijk ter beoordeling van de kiezers.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee over opnames nieuw programma met Bas Nijhuis: ‘Ik kon niet meer stoppen met lachen!’