Verkeersboetes te hoog en 'verkapte' vorm van belasting: 'Kan vertrouwen in overheid aantasten'
In dit artikel:
De Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv of Wet Mulder), ingevoerd in 1990 om lichte verkeersovertredingen snel en efficiënt administratief af te handelen, werkt technisch goed maar wordt volgens een recente WODC-evaluatie op ongewenste manieren ingezet. Het ministerie-gekoppelde WODC stelt dat de wet haar doelen—minder werk voor politie, OM en rechters, effectievere inning en rechtsbescherming—grotendeels heeft bereikt: in 2023 werden ruim 8,3 miljoen boetes zonder tussenkomst van de rechter afgehandeld, en minder dan 1 procent leidde tot beroep (toch goed voor circa 72.000 rechtszaken).
Tegelijk signaleert het WODC dat de boetes en de automatische verhogingen uit de pas lopen met de oorspronkelijke bedoeling. Sinds 1994 zijn tarieven ruim 220 procent gestegen, ongeveer drie keer de inflatiegroei. Bij niet-tijdige betaling volgt een verhoging van 50 procent na de eerste aanmaning en 100 procent na de tweede, waardoor een boete in praktijk kan verdrievoudigen. Dit wordt als disproportioneel beoordeeld en draagt volgens de onderzoekers onnodig bij aan schuldenproblematiek, vooral bij kwetsbare burgers die post niet openen of van wie alleen een adres bekend is.
Het WODC waarschuwt verder tegen het gebruiken van boetebaten om begrotingstekorten te vullen en pleit voor een transparanter, evenwichtiger indexeringsbeleid. Concrete aanbevelingen zijn het schrappen van extra verhogingen boven inflatie, het verlagen van de toeslagen bij te laat betalen en betere informatie-uitwisseling tussen instanties zodat problematische gevallen sneller worden gesignaleerd en maatwerk mogelijk wordt.
Er zijn ook positieve verschuivingen: het inningsbeleid is verzacht. Burgers met boetes van 75 euro of meer kunnen een betalingsregeling treffen en gijzeling wordt nog zelden toegepast, alleen bij aantoonbare betalingsonwil. Voorbeelden van huidige tarieven illustreren de scherpe hoogte: 30 km/uur te hard binnen de bebouwde kom circa €446, bellen in de hand €440 (excl. administratiekosten), door rood rijden of verkeerd inhalen rond €320.
Het Openbaar Ministerie en het CJIB hebben eerder al opgeroepen tot terughoudendheid bij het verhogen van boetes; politieke pogingen om tarieven te matigen stuitten op begrotingsbeperkingen. Demissionair minister Foort van Oosten erkende eind vorig jaar dat boetes hoog zijn.