Vereniging scheepsartsen: sneller mondkapjes op aan boord
In dit artikel:
Op het onderzoeksschip Hondius ontstond onlangs een uitbraak van hantavirus waarbij een 69-jarige Nederlandse opvarende ernstig ziek werd en later overleed. Arend Jansen, voorzitter van het Nederlands Medisch Nautisch Genootschap en werkzaam bij de Radio Medische Dienst, had contact met de scheepsarts toen de patiënt snel achteruitging; het schip lag toen nog dagen van de kust. Nadat meerdere bemanningsleden ziekteverschijnselen kregen, werden uiteindelijk GGD en RIVM ingeschakeld. Volgens de WHO raakte ook de scheepsarts besmet; hij ontwikkelde op 30 april symptomen en werd op 6 mei van boord gehaald en naar Nederland geëvacueerd.
Jansen vindt de situatie “een heel uitzonderlijke situatie”, maar ziet geen directe noodzaak om het landelijke ziekteprotocol voor schepen aan te scherpen. Wel pleit hij ervoor sneller mondkapjes in te zetten aan boord zodra opvarenden koorts of andere luchtwegklachten hebben: zowel zieke personen zelf als de behandelende arts zouden een masker moeten dragen om verdere verspreiding te beperken. Dat is geen standaardpraktijk op veel schepen, terwijl het volgens Jansen uitbraken kan helpen voorkomen — vergelijkbaar met gebruik dat je vaker in Azië ziet.
Ter context: hantavirussen worden meestal via knaagdieruitwerpselen overgedragen; mens-op-mens besmetting is zeldzaam, waardoor onderzoeken naar de precieze overdrachtsroute in deze zaak belangrijk blijven.