Verdriet en ongeloof na busramp België: 'Ze had nooit in die bus moeten zitten'
In dit artikel:
Rond 08.08 uur dinsdag werd bij een spoorwegovergang in Buggenhout (tussen Antwerpen en Brussel) een schoolbus geraakt door een trein. Het voertuig zou de overweg opgereden zijn terwijl de slagbomen gesloten waren; na de botsing kantelde de bus en belandde op de oprit van een woning. Vier mensen kwamen om het leven, vijf kinderen raakten zwaargewond.
Onder de dodelen zijn de 49‑jarige chauffeur Noureddine Zerrouak, die al zo’n twintig jaar kinderen uit het speciaal onderwijs vervoerde, en de 27‑jarige begeleidster Anke Robrecht, die die dag inviel voor een collega. Zerrouaks vrouw had kort voor het ongeval nog met hem afgesproken om cadeautjes te kopen; zij kreeg later het bericht over het ongeluk. Robrechts vriend, zelf ook buschauffeur, zegt diep aangedaan te zijn en noemt haar zijn toekomst die in een fractie van een seconde is weggenomen.
Ooggetuigen spreken van een aangrijpend tafereel: een getuige zag het busje door de lucht vliegen en heeft dat beeld sindsdien niet meer losgelaten. Op de betrokken school, Richtpunt Campus Buggenhout, is de sfeer zwaar; directrice Jolien Roef omschrijft het als een dag van ongeloof en rouw. Leerlingen mogen kiezen thuis te blijven, en op school zijn hulpverleners, een arbeidspsycholoog en een organisatie ter ondersteuning van rouwende families aanwezig.
De Belgische autoriteiten onderzoeken nog de precieze toedracht. Onderzoekers staan voor een moeilijke taak omdat de twee belangrijkste directe getuigen — de chauffeur en de begeleidster — zijn overleden; het is onzeker of de vijf zwaargewonde kinderen later voldoende kunnen bijdragen aan het reconstrueren van wat er precies gebeurde. Bij de overweg zijn inmiddels bloemen neergelegd als eerbetoon aan de slachtoffers.