Verdachte van kunstroof Assen die geen deal sloot met justitie wil vrijspraak

donderdag, 16 april 2026 (17:02) - NOS Nieuws

In dit artikel:

De zaak rond de gewelddadige kunstroof vorig jaar in het Drents Museum in Assen kent deze week een controverse in de rechtszaal. Het Openbaar Ministerie eiste dinsdag tegen Bernhard Z. 5,5 jaar cel; hij wordt verdacht een van de drie mannen te zijn geweest die onder meer de Cotofenesti-helm en meerdere gouden armbanden roofden. Twee medeverdachten sloegen wel een deal met justitie en kregen in ruil voor het teruggeven van de Roemeense kunstschatten ruim 3,5 jaar geëist.

Bernhard Z. ontkent dat hij in het museum aanwezig was. Zijn verdediging stelde dat er geen direct bewijs is: geen camerabeelden waarop hij herkenbaar is, geen DNA-sporen in het museum en geen waarnemingen van hem op het vakantiepark dat als uitvalsbasis zou zijn gebruikt. Wel werd zijn DNA op een jas aangetroffen die in de buurt van het museum was weggegooid; de verdediging verklaart dat die sporen afkomstig kunnen zijn van een tas in dezelfde afvalcontainer. Z. gaf toe dat hij betrokken was bij het regelen van een tas, een gestolen auto en kentekenplaten, maar houdt vol niet te hebben geweten dat die zaken voor een roof zouden dienen. Zijn advocaten voerden aan dat het bewijs niet overtuigend is en benadrukten dat Z. niets kan bijdragen aan het terugvinden van een nog ontbrekende gouden armband.

De verdediging wees in de rechtbank ook naar een verdachte Roemeen die kort voor de roof opvallend gedrag vertoonde in het museum en volgens hen mogelijk een rol heeft gespeeld; het OM stelt na uitgebreid onderzoek dat deze man geen betrokkenheid heeft. Verder uitten alle advocaten felle kritiek op de opsporingsmiddelen van het OM. Ze hekelen onder meer het openbaar maken van namen en foto’s van verdachten terwijl die al vastzaten, een undercoveractie waarvan volgens de verdediging onaanvaardbare druk- en intimidatietechnieken deel uitmaakten, en zelfs druk op advocaten om de schatten terug te krijgen. De advocaten noemden de tactieken “draconisch” en zeggen dat, als Z. niet vrijgesproken wordt, die maatregelen moeten meewegen bij de strafmaat.

Ondanks de meningsverschillen met justitie sloten de verdedigers van de twee andere verdachten uiteindelijk een procesafspraak: geen bekentenis maar wel teruggave van de kunst en een lager geëist straf. De rechtbank doet uitspraak op 5 juni.