Verdachte misbruik op kinderdagverblijf: 'Wil zelf ook weten wat er aan de hand is'
In dit artikel:
De 66-jarige Jan B. wordt op korte termijn forensisch onderzocht in het Pieter Baan Centrum (PBC) nadat uit een psychologisch onderzoek bleek dat er “veel aan de hand” is en mogelijk sprake van dementie. Dat maakte de rechtbank Amsterdam duidelijk tijdens een tweede inleidende zitting waarin de verdachte en zijn advocaat afwezig waren.
B. wordt verdacht van seksueel misbruik van vier kinderen op verschillende Amsterdamse kinderdagverblijven, onder meer van kinderopvangketen Partou. Onder de beschuldigingen vallen onder andere een poging tot verkrachting van een tweejarig meisje, het betasten van een dertienjarige jongen met een verstandelijke beperking en het vervaardigen van beeldmateriaal van misbruik van een driejarige en een baby. In zijn woning werd bovendien een babysekspop aangetroffen, waarvan bezit in Nederland strafbaar is.
Volgens het Openbaar Ministerie werkt B. mee aan het onderzoek en ziet hij geen bezwaar tegen plaatsing in het PBC; hij zou zelf willen weten wat er aan de hand is. Eerder verklaarde hij zich niet te herkennen in de aantijgingen. De zaak wordt nog uitgebreid onderzocht; het OM hoopt het dossier halverwege juni klaar te hebben, maar de rechtbank verwacht dat een inhoudelijke behandeling dit jaar niet meer zal plaatsvinden.
Extra context: het PBC is het Nederlandse forensisch psychiatrisch-psychologisch onderzoeksinstituut dat onderzoekt of verdachten toerekeningsvatbaar zijn of speciale zorg nodig hebben. Een mogelijke diagnose als dementie kan gevolgen hebben voor strafrechtelijke aansprakelijkheid en de verdere procedure.