Venetië haalt ruim vijf miljoen euro op met entreegeld
In dit artikel:
Venetië heeft dit jaar ruim vijf miljoen euro opgehaald met entreeheffing voor dagtoeristen, nadat bezoekers op zestig drukke dagen moesten betalen om de historische binnenstad in te gaan. De meeste dagjesmensen betaalden tien euro; wie ten minste drie dagen vooraf reserveerde, betaalde vijf euro. In totaal kochten ruim 650.000 bezoekers een ticket. De regeling geldt alleen voor toeristen die niet in de stad overnachten. Wie een hotel- of campingboeking heeft, is vrijgesteld van de entree, maar betaalt wel toeristenbelasting.
De heffing zit formeel nog in een testfase, maar wordt waarschijnlijk een vast onderdeel van het toerismebeleid. Venetië probeert al jaren iets te doen tegen massatoerisme: er komen jaarlijks miljoenen bezoekers, terwijl in de historische binnenstad nog minder dan 50.000 mensen wonen. Ook zijn er inmiddels meer hotelbedden dan inwoners. Burgemeester Simone Venturini wil op piekdagen zelfs hogere tarieven invoeren, van 30 tot 50 euro, om de bezoekersstroom te spreiden en de druk op de stad te verlagen. Daarvoor is wel toestemming uit Rome nodig.
Tegelijk twijfelen critici aan het effect van de maatregel. Volgens hen heeft de entreeprijs nauwelijks geleid tot minder bezoekers, omdat topattracties als het San Marcoplein en de Rialtobrug onverminderd populair blijven. Ook zijn er juridische zorgen: een sterk verhoogd tarief kan mogelijk worden gezien als een beperking van de vrije bewegingsvrijheid in Italië.
De Oranjezomer: Rutger Castricum ziet Michael Reiziger niet zitten als bondscoach: 'Dan stop ik met kijken!'