Vanwaar die exodus van Engelse clubs in de Champions League?
In dit artikel:
Zes Engelse clubs stonden aan het begin van de Champions League-achtste finales klaar om het unieke record van zes kwartfinalisten uit één land te vestigen, maar alleen Arsenal en Liverpool wisten door te gaan; Chelsea, Manchester City, Tottenham Hotspur en Newcastle United werden uitgeschakeld. Dat resultaat vormde een tegenvaller en zette Engelse media en analisten aan het zoeken naar oorzaken.
Een belangrijke factor was de zware loting. Omdat clubs als Paris Saint-Germain, Real Madrid en Atlético Madrid via de tussenronde terugkeerden in het hoofdtoernooi, troffen meerdere Engelse teams meteen tegenstanders van topniveau. Tottenham verloor van Atlético (scores 2-5 en 3-2), Chelsea ging kansloos onderuit tegen PSG (2-5 en 0-3), Manchester City verloor opnieuw van Real Madrid (0-3 en 1-2) en Newcastle, na een tussenronde, bleek te klein tegen Barcelona (1-1 en 7-2).
Daarnaast speelt de enorme belasting van wedstrijden een rol. Premier League-clubs combineren de competitie met twee bekertoernooien, Europese duels en veel internationals, wat leidt tot vermoeidheid en blessureproblemen. Chelsea-trainer Liam Rosenior wees erop dat zijn spelers recent “meer dan honderd wedstrijden in achttien maanden” hebben afgewerkt zonder echte rustpauze. Statistieken onderbouwen dat beeld: Premier League-teams hebben gemiddeld 676 dagen aan blessure-afwezigheid per club (met Liverpool als uitzondering onder dat gemiddelde en Tottenham als uitschieter met 1.128 dagen).
Ook structurele verschillen tussen competities wegen mee. Analyses van Opta en Sky Sports laten zien dat Engelse ploegen meer speelminuten en vaker dezelfde spelers inzetten dan veel buitenlandse rivalen. Opta plaatst zelfs teams als Burnley boven meerdere Spaanse clubs in krachtinschatting, wat volgens oud-speler Stephen Warnock verklaart waarom PL-teams geen moment gas kunnen terugnemen. Real Madrid gebruikte in LaLiga bovendien meer spelers dan de meeste Premier League-teams, wat suggereert dat sommige clubs spelers selectiever sparen voor Europese toppers.
Toch is het geen eindtijd voor de Premier League. Financiële macht en diepe selecties blijven een voordeel, en op Europese prestaties gezien was dit seizoen niet veel slechter dan voorgaande jaren: in het afgelopen decennium haalden Engelse clubs slechts drie keer betere kwartfinale-uitslagen. Samenvattend: zware loting, fixture congestion, hogere blessurelast en verminderde rotatie verklaren grotendeels de teleurstellende Champions League-uitslag van de Premier League, maar de competitie behoudt haar status en middelen om zich te herstellen.