Van Weel laat 'geen traan' om Maduro, maar kritiek richting VS groeit
In dit artikel:
De Tweede Kamer en het demissionaire kabinet oordelen unaniem dat de Venezolaanse president Nicolás Maduro zijn land heeft verwoest, maar ze zijn verdeeld over de manier waarop hij gevangen is genomen: de Verenigde Staten maakten bekend dat zij Maduro met een speciale militaire actie uit zijn woning hebben gehaald en overgebracht naar een Amerikaanse gevangenis. Die operatie wekt in Den Haag grote zorgen omdat juristen en Kamerleden stellen dat de actie moeilijk te rijmen is met het internationaal recht.
Tijdens een spoeddebat donderdagavond noemde demissionair minister van Buitenlandse Zaken David van Weel de Amerikaanse operatie “terechte vraagtekens” oproepend en zei expliciet dat de actie — op basis van de beschikbare informatie — “niet in lijn met het internationaal recht” lijkt te zijn. Verschillende Kamerfracties sloten zich daarbij aan: CDA’er Derk Boswijk waarschuwde dat het internationaal recht geen instrument mag worden dat alleen tegen vijanden wordt toegepast, en VVD’er Eric van der Burg sprak van een schending van dat recht en van het gevaar dat alleen de sterkste overblijft.
Tegelijkertijd wezen Kamerleden erop dat zij weinig medelijden hebben met Maduro zelf: zijn vertrek biedt mogelijk uitzicht op het einde van een dictatuur die Venezuela binnenlands en regionaal veel onrust bezorgde. Van Weel heeft zijn zorgen al mondeling kenbaar gemaakt bij zijn Amerikaanse tegenhanger Marco Rubio.
De zaak legde ook de verdeeldheid binnen de EU bloot. De Unie reageerde langzaam en niet-unaniem — Hongarije blokkeerde een snellere gezamenlijke verklaring — wat volgens Van Weel een wake-upcall is: Europa moet leren “de taal van de macht” te spreken en effectiever optreden in geopolitieke crisismomenten. Toch benadrukte hij dat een sterke trans-Atlantische band met de Verenigde Staten voor Nederland en de EU van groot belang blijft; ondanks spanningen met Washington, ziet hij die relatie nog altijd als “onze ultieme verzekering voor veiligheid.” Fractiediscussies over maatregelen als eurobonds bleven onveranderd: sommige opties blijven politiek gevoelig.