Van 'osso' tot 'fittie': straattaal blijkt een blijvertje in Nederland

maandag, 12 januari 2026 (19:16) - NOS Nieuws

In dit artikel:

Onderzoekers van het Meertens Instituut hebben onderzocht of straattaalwoorden die in 1999 door René Appel werden beschreven nog steeds in gebruik zijn. In samenwerking met docenten Nederlands vroegen ze 573 scholieren verspreid over Nederland naar herkenning en gebruik van die termen. Resultaat: veel woorden zijn nog springlevend en zijn sinds eind jaren negentig verder verspreid van de grote steden naar jongeren in het hele land. Voorbeelden die vaak herkend en gebruikt worden zijn kill (jongen), osso (huis) en fittie (ruzie).

Tegelijkertijd zijn enkele termen van betekenis veranderd of minder bekend geworden: loesoe betekende eerst ‘weg’, maar wordt nu vaker gebruikt als ‘losgaan’; sma (meisje) is in sommige groepen vervangen door ams. De onderzoekers wijzen op meertalige wortels van straattaal — veel leenwoorden komen uit het Sranantongo, maar ook uit Engels, Marokkaans Arabisch en Riffijns — en verbinden de oorsprong met de straatcultuur die ontstond na de Surinaamse migratie in de jaren zeventig.

Waar in de jaren negentig in kranten nog vaak paniek klonk over ‘verval’ van het Nederlands, relativeren de taalkundigen dat jongeren doorgaans goed kunnen schakelen tussen informele straattaal en standaardtaal. Opmerkelijk is dat sommige woorden inmiddels zelfs in de Tweede Kamer opduiken, iets wat veel jongeren ongepast vinden wanneer oudere generaties hun taal overnemen.