Van levertraan tot duurzaamheid: hoe de Schijf van Vijf door de jaren heen veranderde
In dit artikel:
Het Voedingscentrum heeft vandaag de zevende versie van de Schijf van Vijf gepubliceerd. De voedingsrichtlijn bestaat sinds 1953 en ontstond kort na de Tweede Wereldoorlog toen het Voorlichtingsbureau voor de Voeding mensen moest helpen voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen. Waar vroegere edities producten als levertraan en een dagelijks halve liter melk sterk aanmoedigden, ligt de nieuwe schijf veel meer de nadruk op plantaardige voeding.
Belangrijke verschillen met vroegere versies zijn dat naast gezondheid nu ook voedselveiligheid en duurzaamheid expliciet meewegen. Voor het eerst is voedselveiligheid opgenomen, wegens aanwezigheid van schadelijke stoffen zoals PFAS, bestrijdingsmiddelen en microplastics in bepaalde voedingsmiddelen. Duurzaamheid stond al sinds 2002 op de radar en werd vanaf 2016 explicieter meegenomen na het klimaatakkoord van Parijs.
Hoewel de precieze adviezen en hoeveelheden door de jaren heen veranderden—onder meer door toegenomen wetenschappelijk inzicht—blijft de kern gelijk: veel volkorenproducten, peulvruchten, groente en fruit. Marije Verwijs van het Voedingscentrum benadrukt dat die basis hetzelfde is gebleven, maar dat geadviseerde hoeveelheden zijn aangepast.
De aanpassing stuit niet op universele instemming; op sociale media zijn kritiekpunten dat duurzaamheid buiten de rol van het Voedingscentrum zou vallen. Verwijs verdedigt de keuze: gezondheid en duurzaamheid zijn volgens haar niet los te zien als men ook op langere termijn gezonde voeding wil garanderen. De Schijf van Vijf blijft een advieskader dat mensen kunnen afstemmen op hun eigen eetpatroon en mogelijkheden (bijv. stap voor stap meer groente eten als minder vlees te ver gaat).