Van Esmah Lahlah tot Hendrik Jan Biemond - negen wethouders officieel beëdigd door gemeenteraad: 'Ik committeer me aan deze stad'
In dit artikel:
Woensdagavond zijn in Amsterdam negen nieuwe wethouders beëdigd; de openbare hoorzitting in de Stopera verliep overwegend gemoedelijk en vaak luchtig, hoewel enkele nieuwkomers zwaardere vragen kregen. Tijdens de gebruikelijke kennismakingsronde werden er ook speelse vragen gesteld—van meningen over panterprint tot favoriete wandelroutes—maar bij Esmah Lahlah, voorgedragen door PRO als wethouder jeugdzorg, onderwijs en jongerenwerk, ging de raad dieper in op inhoud en bestuurlijke betrouwbaarheid.
Lahlah, net teruggetreden als GroenLinks-Kamerlid en voormalig wethouder van Tilburg, moest onder meer uitleggen waarom juist zij geschikt is voor Amsterdam, hoe snel zicht en resultaat te boeken zijn en of ze hier blijvend wil blijven. Critici vroegen waar de raad haar over honderd dagen op mag afrekenen en of ze de stad eerst beter moet leren kennen; Lahlah verwees naar haar ervaring met jeugdcriminaliteit en lokaal bestuur en beloofde zich te vestigen in de stad, zichtbaar te zijn en vertrouwen te verdienen. Als eerste prioriteit noemde ze het terugdringen van wachttijden in de jeugdhulp.
Andere nieuwkomers kregen minder scherpte in de vragen, maar spraken even duidelijk hun plannen uit. Hendrik Jan Biemond (wethouder Financiën, Kunst & Cultuur en Dierenwelzijn) benadrukte het belang van cultuur en wil verbindend, maar ook disciplinair optreden; hij zei nevenfuncties neer te leggen, met uitzondering van zijn commissariaat bij De Nederlandsche Bank. Araya Sumter, beoogd wethouder Armoede, Schuldhulpverlening en Diversiteit, schetste hoe haar Amsterdamse jeugd en ervaringen in Den Haag haar aanpak bepalen: zichtbaar, proactief en met het principe “niets over ons zonder ons”.
Alle beoogde wethouders, waaronder ook Elise Moeskops, Lian Heinhuis en Alexander Scholtes, lichtten hun motivatie toe en werden beëdigd. Lahlah en Sumter kregen tijdelijk ontheffing van de woonplicht in Amsterdam. De installatie markeert het begin van het nieuwe college en legt meteen de aandacht op jeugdzorg, armoedebestrijding, cultuurbeleid en bestuurlijke inzet.