Van Belfast tot Teheran: groeit er een wereldwijd militant netwerk?

woensdag, 29 april 2026 (12:06) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

In Dunmurry, een buitenwijk van Belfast, ontplofte recent een autobom bij een politiebureau. De dissidente republikeinse groepering New IRA eiste de aanslag op en zei dat de bom bedoeld was om politieagenten die het bureau verlieten te doden; de groep waarschuwde ook dat iedereen die met de politie samenwerkt “streng zal worden aangepakt”. Na de explosie verscherpte de politie de beveiliging: extra patrouilles, vooral bij woningen van agenten, en de arrestatie van een 66-jarige man op grond van terrorismewetgeving.

De aanval volgt op een eerdere poging met een autobom bij een ander politiekantoor enkele weken eerder en past volgens deskundigen in een bredere zorgwekkende trend. Er zijn aanwijzingen van betrokkenheid of sympathie tussen de New IRA en buitenlandse partijen zoals de Libanese militie Hezbollah en de Iraanse Revolutionaire Garde (IRGC). Personen die aan de New IRA zijn gelinkt betuigden bijvoorbeeld respect na de dood van generaal Qassem Soleimani in 2020, wat volgens veiligheidsspecialisten kan duiden op buitenlandse steun in de vorm van financiering of wapenleveranties.

Voormalig defensie-inlichtingenofficier Andrew Badger waarschuwt dat dit deel uitmaakt van een groeiend netwerk waarin staten als Rusland en Iran – en mogelijk ook China en Noord-Korea – tactieken en middelen delen met niet-statelijke gewapende groepen. Hij spreekt van de “volwassenwording van een hybride oorlogsmodel”, waarbij kennis, logistiek, wapens en financiële stromen elkaar versterken.

De New IRA verwerpt het Goede Vrijdag-akkoord en streeft naar een verenigd Ierland zonder Britse invloed. De recente aanslagen onderstrepen niet alleen de aanhoudende politieke onrust in Noord-Ierland, maar ook het risico dat lokale terreuracties escalerende internationale dimensies krijgen.