UZ Brussel verwisselt spermastaal: na 30 jaar blijken Siska en Wout plots andere biologische vader te hebben
In dit artikel:
Na dertig jaar ontdekte tweelingbroer en -zus Wout en Siska dat hun vermeende vader Bart niet hun biologische vader is: bij de ivf-behandeling van hun ouders in het UZ Brussel is volgens dna-onderzoek een spermastaal van een andere man gebruikt. De twijfel ontstond toen Wout bij een medische controle bloedgroep B bleek te hebben, terwijl zijn ouders respectievelijk A en O zijn — een combinatie die met de aangetoonde ouderschapssituatie niet kon kloppen. Een dna-test bevestigde later dat Bart niet genetisch verwant is aan de tweeling; moeder Kristin wel. Het gezin, dat in 1995 de kinderen kreeg na een behandeling waarvan de betrokken datum door het UZ Brussel wordt genoemd (6 juli 1994), is een rechtszaak gestart om het ziekenhuis te dwingen de identiteit van de vermoedelijke biologische vader bekend te maken.
De ontdekking sloeg in als een zware klap. Siska spreekt over vragen rond bestaansrecht: "Je bent geboren uit een fout", zegt ze. De fout heeft niet alleen emotionele gevolgen — er is nu ook een tweede tweeling in het gezin die voortaan als halfbroers en -zussen gelden — maar zet volgens het gezin ook het vertrouwen in het ziekenhuis compleet onder druk. Bart en zijn kinderen geven aan aanvankelijk vol vertrouwen te zijn behandeld door het UZ Brussel, maar voelen zich nu onvoldoende gesteund door de manier waarop het ziekenhuis communiceerde en reageerde.
Het UZ Brussel erkent dat een verkeerd spermastaal gebruikt werd en vermoedt dat dit gebeurde in de labo-workflow op de dag van de procedure. Het ziekenhuis zegt volledige medewerking te verlenen en verwijst naar wettelijke, privacy- en beroepsgeheimbeperkingen waarom het de identiteit van de vermoedelijke vader niet zomaar vrijgeeft. Het stuurde wel een aangetekende brief naar de man, maar kreeg daarop geen reactie. Ook zegt het ziekenhuis dat de melding aan het toezichthoudende FAGG pas later gebeurde omdat het interne onderzoek nog liep; het FAGG benadrukt echter dat dat geen reden is om te wachten met melden.
Het gezin eist via de rechtbank dat het UZ Brussel de identiteit vrijgeeft en wil dwangsommen om naleving af te dwingen. Zij benadrukken dat kennis van hun biologische afkomst belangrijk is voor hun identiteit en dat de vermeende vader geïnformeerd moet worden over het gebruik van zijn genetisch materiaal. Het UZ Brussel stelt dat vergelijkbare vergissingen sindsdien vrijwel uitgesloten zijn: vanaf 1996 werden labprocedures aangepast zodat materiaal niet meer gelijktijdig van verschillende patiënten werd verwerkt (scheiding in tijd en ruimte, vier-ogenprincipe) en sinds 2011 werkt men met elektronische identificatie en traceerbaarheid.
Het gezin hoopt dat de biologische vader zich herkent en meldt — volgens het ziekenhuis gaat het om een man die op 6 juli 1994 voor een fertiliteitsbehandeling aanwezig was en bloedgroep B heeft. Mensen die zich herkennen kunnen contact opnemen met de advocaat van het gezin, Joris Beernaert (joris.beernaert@loyensloeff.com). De zaak leeft nog en wordt juridisch en publiekelijk verder uitgevochten; het verhaal is onder andere uitgezonden in Terzake (VRT CANVAS).