Utrechtse driehoek verdedigt geweld tegen Genk-supporters: 'ME werd bekogeld'
In dit artikel:
Bij de Europa League-wedstrijd FC Utrecht–KRC Genk in Utrecht heeft de politie, samen met justitie en burgemeester (de zogenoemde driehoek), het optreden van de Mobiele Eenheid verdedigd nadat Genk-supporters uit het uitvak werden gedreven. Volgens de driehoek was een grote groep Belgische fans, vooraf door de beveiliging gebroken, zonder identificatie of fouillering het stadion binnengedrongen, wat volgens hen grote veiligheidsrisico’s opleverde. De club en gemeente vroegen de aanhangers het vak vrijwillig te verlaten; toen dat werd geweigerd en de politie meerdere keren gelegenheid gaf weg te gaan, escaleerde de situatie en werd uiteindelijk geweld toegepast.
De ME ontruimde het uitvak toen sommige uitsupporters stoeltjes gooiden en een deel zich met stokken of staven verzette; op social media circuleerden beelden van bewapende relschoppers. KRC Genk heeft zich scherp gekeerd tegen het politieoptreden en spreekt van onnodig en buitensporig geweld, stellende dat ook onschuldige supporters slachtoffer zijn geworden. De driehoek erkent dat veel meewerkende supporters door de ingreep de wedstrijd hebben gemist en betreurt dat, maar stelt dat ingrijpen onvermijdelijk was om verdere escalatie te stoppen.
De zaak vergroot de discussie over proportionaliteit van politieoptreden bij voetbalwedstrijden: de autoriteiten houden vast aan de noodzaak van hun maatregelen vanwege directe bedreigingen van veiligheid, terwijl de Belgische club de keuze van middelen in twijfel trekt.