Uitkoop van boeren had anderhalf miljard euro goedkoper gekund
In dit artikel:
Het kabinet heeft via een vrijwillige uitkoopregeling ruim 700 veehouders aangeboden om hun bedrijf te stoppen en daarvoor bijna 2 miljard euro gereserveerd. Het doel was snel stikstof te verminderen en zo het zogeheten stikstofslot te doorbreken, maar de grootste uitstoters – de zogenoemde piekbelasters – meldden zich grotendeels niet aan. Onderzoekswerk van NRC, Omroep Gelderland en Follow the Money laat zien dat hetzelfde stikstofeffect bereikt had kunnen worden door slechts de 133 grootste uitstoters uit te kopen; daarvoor was circa €325 miljoen nodig, minder dan een kwart van wat nu uitgaat.
Achtergrond: stikstofbemiddelaar Johan Remkes adviseerde in 2022 om binnen een jaar de 500–600 grootste piekbelasters uit te kopen. Het kabinet maakte daarna een aantrekkelijke, vrijwillige regeling waarbij bedrijven met een berekende stikstofneerslag van meer dan 35 kg per jaar konden meedoen en 120% van de marktwaarde van stallen plus een vast dierbedrag kregen. Ongeveer 3.000 bedrijven voldoen aan die drempel, maar veel aanmelders behoren tot de lagere categorieën van uitstoters. Daardoor levert de regeling relatief weinig natuurwinst op.
Concrete voorbeelden illustreren de inefficiëntie. Een kleine kalkoenhouderij dicht bij de Veluwe (Jelle en Marianne Bakker) ontvangt ongeveer €1,2 miljoen; hun vertrek scheelt circa 2.000 kg stikstof per jaar en is daarmee relatief kostenefficiënt. Daartegenover staat een enorme varkensstal met 33.000 dieren (Martin Houben) die ruim €40 miljoen krijgt, terwijl de kosten per gram vermeden stikstof in dat geval extreem hoog liggen. Veel grote piekbelasters weigeren mee te doen; van de 600 grootste zijn er naar schatting maar enkele honderden aangemeld.
Experts noemen de regeling ondoelmatig en voorspellen dat er uiteindelijk dwang nodig zal zijn om de doelen te halen. Juristen en milieuprofessoren wijzen erop dat verplichte onteigening of het korten op dierrechten effectiever is, maar ook duurder en juridisch complex. Het ministerie verdedigt de keuze voor vrijwilligheid: die leverde op korte termijn reductie en voorkomt langdurige procedures, en actief benaderen van boeren zou de vrijwilligheid aantasten of in strijd zijn met staatssteunregels. Het kabinet heeft inmiddels een nieuwe, aangescherpte vrijwillige regeling aangekondigd waarbij bedrijven dichter bij natuurgebieden meer compensatie krijgen.
Kortom: veel belastinggeld gaat naar vrijwillige uitkopen die relatief weinig stikstofreductie opleveren, en omdat de grootste vervuilers niet meewerken staat het beleid vooralsnog te weinig effectief tegenover de wettelijke en ecologische eisen — waardoor dwangmaatregelen of strengere vergunningen weer op tafel komen.