Uitgeprocedeerde asielzoekers naar ander land sturen? Asielminister Van den Brink ziet geen juridische belemmeringen

vrijdag, 22 mei 2026 (17:48) - Het Parool

In dit artikel:

Minister Bart van den Brink (CDA, 47) worstelt deze weken tegelijk met acute en structurele problemen rond asiel: binnen Nederland een bestuurlijke sprint om opvang en orde te herstellen, en internationaal een marathon om nieuwe wetgeving en duurzame migratie-oplossingen te regelen. Ter Apel verkeert opnieuw in alarmfase één: er zijn te weinig bedden, de opvang loopt over en protesten liepen eerder uit op geweld. Van den Brink telefoneert veelvuldig met burgemeesters om noodopvang te organiseren, maar zijn oproep aan gemeenten leverde nauwelijks extra plekken op.

De minister erkent dat zijn brief aan gemeenten de druk heeft opgevoerd; hij benadrukt echter dat het noodzakelijk was om het knellende probleem bespreekbaar te maken. Zonder structurele maatregelen — meer opvangplekken of versnelde huisvesting van statushouders — blijft het risico bestaan dat mensen langere tijd buiten moeten slapen. De eerder voorgestelde asielnoodwet werd door de Eerste Kamer weggestemd en het kabinet kreeg niet de verwachte steun van de PVV, een teleurstelling die Van den Brink politiek wijt aan veranderde verhoudingen.

Parallel aan de binnenlandse inzet werkt Van den Brink aan het verplaatsen van delen van het asielbeleid buiten Europa. Zijn doel is het smokkelaarsmodel te ontmantelen en gevaarlijke zee-oversteken te voorkomen door opvang en terugkeerprocedures in partnerlanden te organiseren. Waar eerdere terugkeerplannen, zoals een mogelijke hub in Oeganda, stokten vanwege mensenrechtelijke zorgen, zegt hij dat juridisch obstakels niet onoverkomelijk zijn: het Clingendael-rapport concludeert dat dergelijke hubs binnen het recht uitvoerbaar kunnen zijn en dat het EU-migratiepact belemmeringen vermindert. Van den Brink wil nu praktische stappen en diplomatieke trajecten inzetten, met de aantekening dat dit langdurig, complex en gevoelig blijft — mede omdat voorbeelden zoals de mislukte ‘Rwandadeal’ laten zien hoe snel politieke beloften kunnen stranden.

De minister toont zich bereid tot gesprek met critici en maatschappelijke organisaties en benadrukt dat Nederland verantwoordelijkheid blijft nemen voor veiligheid en rechtsbescherming, ook als procedures elders plaatsvinden. Hij pleit voor een kalmere bestuursstijl in de omgang met gemeenten en roept op tot meer betrokkenheid — ook persoonlijk vrijwilligerswerk noemt hij waardevol — om wederzijds begrip te bevorderen.

Concreet verwacht Van den Brink het komende halfjaar tot jaar intensief bezig te zijn met nieuwe asielwetgeving en toepassing van spreidingsmaatregelen, maar hij waarschuwt dat herstel van rust en het volledig terugdringen van druk op opvangvoorzieningen jaren kan duren. Praktische uitvoering, diplomatie en juridische toetsing blijven volgens hem centraal om zowel binnenlandse crisisgevoeligheid als humane en rechtvaardige migratieoplossingen aan te pakken.