Twee linkerhanden hebben bestaat niet - maar linkshandigen lijken wél in het voordeel bij boksen, tennis en schermen
In dit artikel:
Mark Rutte mag dan bekendstaan als een handige bestuurder, hij zegt zelf vaak dat hij thuis juist “twee linkerhanden” heeft. In deze column legt Marcel Levi uit dat die uitdrukking natuurlijk niet letterlijk klopt: niemand heeft echt twee linker- of rechterhanden. Wel heeft vrijwel iedereen een voorkeurshand, en bij ongeveer 90 procent is dat de rechterhand. Links- of rechtshandigheid zegt bovendien weinig over algemene vaardigheid.
Levi schetst ook hoe linkshandigen vroeger werden achtergesteld, omdat de wereld vooral op rechtshandigen is ingericht. Dat oude idee dat links schrijven een probleem zou zijn, is inmiddels verlaten. Toch moeten linkshandigen nog steeds vaak improviseren bij alledaagse spullen zoals openers en muizen.
Verder wijst hij op mogelijke voordelen van linkshandigheid. In contactsporten zoals boksen, tennis en schermen zouden linkshandigen soms in het voordeel zijn, mogelijk door een andere verdeling van motorische en ruimtelijke verwerking in het brein. Ook in de muziek kan linkshandigheid handig zijn, bijvoorbeeld omdat leerlingen een linkshandige docent makkelijker kunnen nadoen.
Tot slot benadrukt Levi dat voorkeurshand en hersenhelften niets te maken hebben met politieke voorkeur. Sommige hersenactiviteit hangt wel statistisch samen met conservatieve of progressieve opvattingen, maar dat bewijs is beperkt. Volgens hem blijft de echte vraag bij politiek vooral niet welke hersenhelft dominant is, maar of iemand zijn zaakjes goed op orde heeft.
Vandaag Inside Oranje: Dit strijken de scheidsrechter en de VAR op tijdens het WK