Twee dagen na een verkrachting is veel dna-bewijs lastig te vinden - maar er is mogelijk een oplossing

zaterdag, 23 mei 2026 (03:02) - Het Parool

In dit artikel:

Onderzoeker Athina Vidaki van het Maastricht UMC werkt aan nieuwe forensische dna-technieken om bewijsmateriaal bij seksueel geweld betrouwbaarder te maken. In veel zedenzaken bestaat het monster uit een mengsel van vaginale cellen van het slachtoffer en spermacellen van de dader, waarbij de mannelijke cellen vaak in veel kleinere aantallen aanwezig zijn en binnen circa 48 uur kunnen verslechteren. Daardoor lukt het in tal van zaken niet om een bruikbaar mannelijk dna-profiel te maken; in Europa ontbreken jaarlijks naar schatting tienduizenden zaken biologisch bewijsmateriaal.

Vidaki leidt het vierjarige Europese project CapCell, gefinancierd door Horizon Europe, met als doel dna-onderzoek te vernieuwen en samenwerking tussen EU-landen te verbeteren. De kern van haar aanpak is het analyseren op celniveau: met microfluidica scheiden onderzoekers individuele cellen en met single-cell sequencing stellen ze afzonderlijke dna-profielen op. In plaats van een gemiddeld profiel uit een groep cellen, levert elk geïsoleerd mannelijk celletje een eigen profiel op. Dat maakt het mogelijk om daders nauwkeuriger te identificeren, meerdere daders te onderscheiden en cellen van onschuldige partners uit te sluiten. Toepassingen reiken ook tot cold cases en vermissingszaken, waar gedetailleerdere persoonskenmerken nieuwe onderzoekstips kunnen opleveren.

Naast het puur genetische werk onderzoekt Vidaki forensische epigenetica: chemische aanpassingen op het dna die ontstaan door ouder worden en levensstijl. Die markers kunnen informatie geven over iemands leeftijd (binnen circa 2–3 jaar nauwkeurig) en gewoonten zoals roken, omdat die zichtbare sporen in het dna achterlaten.

Die nieuwe mogelijkheden roepen privacy- en ethische vragen op. In Nederland gelden al wettelijke beperkingen: sommige biologische kenmerken zoals een leeftijdsschatting mogen worden gebruikt, maar leefstijlinformatie zoals roken niet. Vidaki benadrukt dat technische vooruitgang niet automatisch het vrije gebruik ervan rechtvaardigt; de maatschappij moet bepalen wanneer en onder welke voorwaarden geavanceerd dna-onderzoek mag worden ingezet om enerzijds slachtoffers recht te bieden en anderzijds grondrechten te beschermen.