Tussen hoop en vrees: Iraniërs verdeeld over de aanhoudende oorlog
In dit artikel:
Inwoners van Iran reageren verdeeld op de oorlog en de oproepen van buitenlandse leiders om in opstand te komen. NOS sprak met enkele Iraniërs — onder wie een 37-jarige man en een 60-jarige vrouw — maar contact leggen is lastig omdat het regime het internet grotendeels heeft afgesloten en mensen bang zijn om met journalisten te praten vanwege voortdurende repressie.
Meningen lopen uiteen. Sommige, vooral mensen die na de bloedige protesten van januari hun hoop op verandering hadden gevestigd, zagen in een conflict misschien een uitweg om het regime omver te werpen. Anderen keren zich nu tegen die gedachte omdat de oorlog het land verwoest en veel burgerslachtoffers eist. Een vrouw uit Rasjt vraagt zich af of het leven nu echt beter is en waarschuwt dat buitenlandse leiders vooral geïnteresseerd zijn in grondstoffen: "Olie, olie, olie," zegt ze. De 37‑jarige uit Teheran hoort geruchten dat Trump en Netanyahu het gevecht willen beëindigen, maar vreest dat dat alleen zou betekenen dat Iraniërs weer alleen worden gelaten met het huidige regime.
Iran-deskundige Peyman Jafari signaleert een kentering: de kleine groep die koste wat kost regimechange wil, bestaat nog, maar een groeiende meerderheid ziet de tol van oorlog en de toenemende repressie en keert zich daarvan af. Jafari benadrukt dat de autoriteiten verzwakt zijn maar niet verslagen: na het doden van opperste leider Ali Khamenei zijn zijn zoon Mojtaba en andere elites naar voren geschoven, en het systeem blijkt niet afhankelijk van één persoon. De politieke, militaire en economische elites hebben veel belang bij het voortbestaan van de Islamitische Republiek.
Vanuit het buitenland blijven Donald Trump en premier Netanyahu Iraniërs oproepen om de straat op te gaan; ook oppositieleider Reza Pahlavi doet dat. Sommige Iraniërs hopen daarop en zeggen klaar te zijn om steden over te nemen, maar anderen vinden protesten nu te riskant omdat zij familieleden moeten verzorgen en bang zijn gedood te worden. Jafari verwacht dat de woede op den duur weer tot protesten zal leiden, maar acht het onwaarschijnlijk dat die tijdens of direct na deze oorlog plaatsvinden. Veel mensen voelen zich momenteel ingesloten tussen binnendijkse repressie en buitenlandse agressie, wat actiebereidheid remt.