Turken blijven strijdbaar: 'Ik vond het een eer om politieke gevangene te zijn'

donderdag, 19 maart 2026 (07:20) - Trouw

In dit artikel:

Op 19 maart 2025 stonden massaal politieagenten voor de deur van Ekrem Imamoglu, de democratisch gekozen burgemeester van Istanbul. Vier dagen later, op de dag dat de Republikeinse Volkspartij (CHP) hem tot presidentskandidaat koos, werd hij formeel gearresteerd. Die gebeurtenis luidde een jaar van massale vervolgingen in: sinds toen zijn honderden mensen opgepakt of aangeklaagd — onder wie twaalf burgemeesters, tientallen ambtenaren, enkele honderden demonstranten, acht fotojournalisten en een acteur. Nu, bijna een jaar later, is de rechtszaak tegen Imamoglu van start gegaan.

De arrestatie leidde meteen tot grootschalige protesten, met studenten als belangrijke drijvende kracht. De 23-jarige elektrotechniekstudent Emircan Yilmaz was vanaf dag één actief en zat uiteindelijk 65 dagen vast; zijn studie liep daardoor een jaar vertraging op. Zijn detentie illustreert hoe snel demonstranten werden vastgezet: na een korte voorgeleiding bepaalde de rechter volgens Yilmaz al onmiddellijk dat hij gearresteerd moest worden. In de beruchte gevangenis van Silivri deelde hij een zaal bedoeld voor veertig mensen met zestig gedetineerden. Na vier zittingen werd hij op 4 maart vrijgesproken, wat volgens hem aantoonde dat huisarrest en gevangenschap onterecht waren. Toch ziet hij zijn gevangenschap als een politiek signaal — een bewijs van angst bij de machthebbers.

De zaak raakt ook vakmensen en oud-medewerkers van de gemeente. Ipek Elif Atayman, voormalig directeur van Medya NV (een mediadochter van de gemeente Istanbul), zit al een jaar in voorarrest. Haar familie voert thuis een bord met de tekst ‘Vrijheid voor Ipek Elif Atayman’ en maakt zich zorgen dat ze vergeten wordt. Atayman wordt beschuldigd van miljoenenfraude en het doorsluizen van gelden naar wat het Openbaar Ministerie omschrijft als de ‘Imamoglu-criminele organisatie’. Haar familie en verdediging bestrijden de aantijgingen: getuigenverklaringen noemen haar naam nauwelijks, veel beschuldigingen betreffen perioden waarin zij geen uitvoerende rol meer had, en financiële rapporten tonen geen weelderige levensstijl. Toch blijft zij vastzitten en werd ze zonder toelichting verplaatst naar een gevangenis in Afyonkarahisar, 500 kilometer van Istanbul; zo’n verplaatsing en de lange reistijden voor bezoek brengen familieleden financieel en emotioneel aan hun grens.

Ook prominente CHP-politici zijn aangeklaagd. Ex-parlementariër en vicevoorzitter Aykut Erdogdu werd op 4 juni 2025 gearresteerd op verdenking van omkoping; zijn vrouw Tuba Torun, advocaat, voert zijn verdediging. Zij benadrukt dat het bewijs tegen hem voornamelijk bestaat uit locatiegegevens en verklaringen van omgekeerde verdachten die nu als informanten optreden. Torun stelt dat sommige getuigen onder druk hun verklaringen hebben afgelegd en dat die lokatiegegevens onbetrouwbaar of onzinnig zijn (in één voorbeeld zou Erdogdu binnen enkele tientallen seconden in drie verschillende wijken zijn geregistreerd). Ze wijst ook op het bredere probleem: aanvankelijk leidde de arrestatiegolf tot grote verontwaardiging en massale protesten, maar na verloop van tijd verminderde de publieke en mediabelangstelling omdat veel Turken tegelijk worstelen met economische problemen en worden overladen met andere crises.

De afgelopen maanden heeft de CHP zijn proteststrategie aangepast: wekelijkse wijkbijeenkomsten op woensdagavonden en weekendrally’s in andere provincies. Toch voelen veel families en gearresteerden dagelijks de gevolgen van de gebeurtenissen van maart 2025 — van juridische onzekerheid en lange voorarrestperiodes tot psychische en financiële uitputting. Verdedigers en familieleden noemen tekortkomingen in het bewijs, mogelijke dwang bij getuigenverklaringen en het routinematig inzetten van langdurige detentie als instrument tegen politieke tegenstanders.

De zaak tegen Imamoglu en de reeks vervolgingen vormen volgens critici een belangrijk moment voor de Turkse democratie: het draait niet alleen om individuele strafzaken, maar om de vraag hoe de regering omgaat met oppositie, persvrijheid en rechtspraak. Voor de betrokkenen is het proces meer dan een juridische strijd; het is een confrontatie die hun levens, carrières en families lang kan blijven bepalen.