Tunesië onveilig voor vluchtelingen; „Mishandeling van migranten gaat onverminderd door"
In dit artikel:
De Europese Unie bereidt zich voor Tunesië op de lijst van veilige landen te zetten, maar in het land zelf leven tienduizenden migranten onder zware omstandigheden en is de veiligheid voor vluchtelingen dubieus. Sinds een akkoord tussen Brussel en president Kais Saied in juli 2023 — op aandringen van Italië — voert Tunesië striktere grenscontroles en ontvangt het forse financiële steun (direct 150 miljoen euro plus 105 miljoen voor grensbeheer, met later tot 900 miljoen aan macrosteun). Dat moest de stroom bootvluchtelingen naar Italië terugdringen, maar de menselijke tol is groot.
In en rond Sfax, met het grootste migrantencentrum in olijfboomgaarden bij El Amra, verblijven volgens officiële cijfers zo’n 20.000 migranten in een kamp waar alleen de Rode Halve Maan vrije toegang heeft. Andere hulporganisaties worden grotendeels buiten gehouden; er is vaak geen fatsoenlijke gezondheidszorg of schoon water. Human Rights Watch noemt de situatie “explosief”. Terugkeer naar herkomstlanden via de IOM is mogelijk maar traag en ontoereikend: veel gestrande migranten wachten lang op registratie en vertrek. Fatima (23) uit Sierra Leone zegt: “Er is geen boot meer te vinden die je naar Europa brengt,” en overweegt terugkeer.
De binnenlandse aanpak gaat gepaard met toenemende repressie en raciale spanningen. President Saied heeft migranten publiekelijk bestempeld als gevaar voor de demografie en criminaliteit; media en sommige lokale groepen schroefden het racisme op. Zwarte Afrikanen werden doelwit van lynchpartijen, selectieve politiecontroles en massale uitzettingen. In Sfax werden honderden migranten uit de stad verdreven; minstens 150 werden naar de grens met Libië gestuurd en in de woestijn achtergelaten — Libische autoriteiten meldden tientallen doden door honger en dorst. Amnesty en andere ngo’s veroordeelden dat Brussel tegelijk grote geldbedragen toekende aan het regime.
De maatregelen hebben de migratieroute niet uitgewist, alleen verlegd. Na een piek in 2023 — bijna 100.000 migranten vertrokken toen via Tunesië richting Italië — daalde de doorstroom vanaf Tunesische kusten, maar veel bootvluchtelingen wijken nu uit naar Libië. Bovendien tonen recente tragedies dat repressie geen einde maakte aan risicovolle overtochten: tijdens storm Harry verdronk naar schatting een duizendtal mensen toen 29 boten tegelijk vanuit Sfax uitvaren, nadat legeracties in het binnenland kampen en nederzettingen hadden verwoest en tegelijk de kustcontroles tijdelijk versoepelden.
Lokale vissers en bewoners voelen ook de gevolgen. Vissers als Samir vertelden hoe ze vroeger regelmatig lijken uit hun netten haalden; nu zijn zij zelf beperkt in bewegingsvrijheid en worden ze verdacht van mensensmokkel. Economische terugval, verscherpte wetgeving en een klimaateffect op de visserij maken vertrek voor velen onmogelijk.
Als de EU Tunesië formeel als “veilig derde land” aanmerkt — wat rond half juni verwacht wordt — heeft dat verstrekkende gevolgen: Tunesiërs kunnen dan nauwelijks nog asiel in Europa krijgen, en asielzoekers die via Tunesië reisden zouden in principe in Tunesië bescherming moeten zoeken. Mensenrechtenorganisaties waarschuwen dat daarmee zowel buitenlandse vluchtelingen als politiek vervolgde Tunesiërs een veilig toevluchtsoord in Europa wordt onthouden. “De mishandeling van migranten gaat onverminderd door,” zegt Salsabil Chellali van Human Rights Watch. In de praktijk blijven veel vluchtelingen in Tunesië zonder rechten, huisvesting of perspectief.