Trumps olieblokkade wurgt Cuba: „Regime op sterven na dood"

zaterdag, 14 februari 2026 (18:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Het Cubaanse regime roept de bevolking op „vol te houden” terwijl het eiland een acute energie- en voedselcrisis doormaakt die veel Cubanen als diepgaander ervaren dan de beruchte „Speciale Periode” in de jaren 90. De onmiddellijke aanleiding is een bevriezing van olieleveranties nadat de Verenigde Staten sinds december handelsstromen naar Cuba verstoorden en zelfs tankers uit Venezuela blokkeerden; president Miguel Díaz‑Canel erkende begin februari dat Cuba geen olie meer ontving. Washingtons druk, gecombineerd met dreigementen richting andere leveranciers, sneed volgens analisten de belangrijkste levenslijn van het eiland door: brandstof die goed is voor ongeveer 60 procent van de energievoorziening.

De regering kondigde in een urenlange tv-uitzending noodmaatregelen aan, waaronder investeringen in zonnepanelen en prioritering van de resterende olie voor elektriciteitsvoorziening en essentiële diensten. In de praktijk leidde de crisis binnen dagen tot een vrijwel stilstaand land: bussen en treinen bleven weg, universiteiten sloten, vliegtuigen bleven aan de grond en een massale stroomstoring legde tweederde van het land tijdelijk plat. Banken werden overspoeld, zwarte marktkoersen schoten omhoog en toeristische vluchten werden gecanceld; Air Canada en Rusland evacueerden toeristen, een zware klap voor de deviezeninkomsten.

Op straat in Havana is de schaarste tastbaar: lege staatssupermarkten en uitgeputte rantsoenen, lange rijen bij voedseluitdelingen, kapotte vuilnisophaling door gebrek aan brandstof en verwaarloosde gebouwen. Voor veel staatswerknemers en gepensioneerden zijn de prijzen onbetaalbaar geworden: de officiële lonen en pensioenen dekken nauwelijks de dagelijkse boodschappen. Voor chronisch zieke Cubanen zijn de gevolgen dramatisch; er is onder meer een tekort aan insuline, waardoor patiënten afhankelijk zijn van medicijnen die familieleden uit het buitenland opsturen — wat steeds moeilijker wordt.

De economische neergang begon al eerder, met hernieuwde sancties tijdens Trumps presidentschap en een zware klap door de coronapandemie toen toerisme instortte. De combinatie van langdurige achterstallige investeringen in energie-infrastructuur, corruptie en economische mismanagement verergerde de situatie. Veel Cubanen trekken weg: onderzoek wijst op een sterke uitstroom, en demografisch is een kwart van de bevolking nu ouder dan 60 jaar.

Politieke spanningen blijven groot. Massale protesten in juli 2025 leidden tot duizenden arrestaties; velen zitten nog gevangen met zware straffen. Openlijk oproepen tot omverwerping van het regime is dus risicovol. Toch groeit onder inwoners zoals verkopers, taxichauffeurs en ouderen de hoop op verandering of het einde van de huidige leiderschap; sommige ex‑dissidenten en teruggekeerde emigranten spreken zelfs van het „begin van het einde” van het bewind, terwijl anderen benadrukken dat corruptie en interne falen de grootste oorzaken zijn van het verval.

Kortom: Cuba zit in een acute levensmiddel‑, energie‑ en zorgcrisis door een mix van externe druk (voornamelijk de Amerikaanse blokkade van olieleveranties), post‑pandemische economische inzinking en langdurige binnenlandse problemen. De noodmaatregelen van de staat moeten de essenties beschermen, maar veel Cubanen ervaren die maatregelen als ontoereikend en leven in onzekerheid over wát er nu volgt — blijven volharden onder repressie, of een politiek kantelpunt met onzekere gevolgen.