Trumps achterban haat voetbal

woensdag, 17 juni 2026 (00:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Rutger van der Hoeven (17 juni 2026) stelt dat dit WK vooral opvalt omdat het organiserende land — de Verenigde Staten — er niet naar streeft zichzelf in een goed daglicht te zetten, maar juist laat zien dat het de ambitie heeft voorbij te zijn aan openheid en internationale sympathie. In plaats van het gebruikelijke sportswashing-beeld plaatst hij het toernooi als een bewuste «sportbevuiling»: het wordt ingezet om te benadrukken dat de VS zich afkeert van een kosmopolitische manier van presenteren.

De aanleiding daarvoor liggen volgens het betoog in een reeks praktijken en beslissingen rond het toernooi: strenge grenscontroles die fans, scheidsrechters en staf uitsluiten; extreem hoge ticketprijzen — met absurd dure finalekaartjes op de markt — en massale onverkochte zittenplaatsen; en een politiek die voetbal instrumenteert voor binnenlandse machtsuiting. De wereldvoetbalbond (FIFA) en haar president blijven commercieel optimisme uitdragen terwijl de realiteit van uitsluiting en woede bij supporters zichtbaar is.

Van der Hoeven plaatst dit alles in een bredere context: de Amerikaanse regering onder Trump en zijn achterban hebben weinig gevoel voor voetbal, dat in de VS historisch gezien wordt verbonden met globalisering en een kosmopolitische identiteit waar MAGA-kreten weerstand tegen bieden. Het presidentiële kamp leek het WK zelfs tegen te werken door parallelle, nationalistische evenementen te organiseren die het buitenlands-vijandige sentiment aanwakkerden.

Het artikel breidt de analyse uit naar de tijdgeest: zowel politiek als economie lijken gedomineerd door «alternatieve feiten» en grootse verhalen zonder stevige grond (als voorbeeld wordt een zeer omvangrijke beursgang genoemd die meer sciencefiction dan realisme scheen). Daarmee vormt het WK een symptoom van een bredere ontkoppeling tussen imago en werkelijkheid.

Toch sluit Van der Hoeven met de constatering dat het voetbal zelf niet ten onder gaat: de wedstrijden, de doelpunten en het drama blijven bestaan en laten juist de schoonheid van de sport opvallen temidden van de onfrisse randzaken — voor supporters een oefening in verdraagzaamheid en, zo wordt gesuggereerd, zen-achtige gelijkmoedigheid.