Trump zet NAVO-bondgenoten onder druk om te helpen in Iran-oorlog: 'Dit is een dreigement'
In dit artikel:
Iran verstoort momenteel het scheepvaartverkeer door de Straat van Hormuz, wat wereldwijd tot flink stijgende olie- en gasprijzen heeft geleid. Volgens viceadmiraal b.d. Ben Bekkering (Clingendael) gebruikt Iran deze actie als drukmiddel: de Perzische Golf is hun strategische achtertuin en aanvallen op schepen tonen dat Teheran zijn slagkracht in de zeestraat wil vergroten. Daardoor mijden veel rederijen de doorvaart, of zoeken onafhankelijke afspraken met landen zoals China en India; anderen riskeren aanvallen.
De situatie vergroot de politieke spanning. Correspondent Erik Mouthaan stelt dat de Amerikaanse president Donald Trump bondgenoten onder druk zet om te helpen, terwijl de VS zelf de militaire optie heeft opgeworpen. Bekkering noemt de Amerikaanse reactie enigszins paniekerig: Trump had mogelijk gerekend op een snelle operatie in Iran, maar blijkt nu geconfronteerd met een tegenstander die sleutelposities en afschrikmiddelen bezit.
Een concrete optie die ter tafel ligt is het militair escorteren van koopvaardijschepen door de Straat van Hormuz. Dat idee is door Trump genoemd, maar Bekkering waarschuwt dat zo’n operatie extreem complex en risicovol is: je hebt escorte-schepen, luchtdekking, coördinatie met de civiele scheepvaart, mijnenbestrijding en snelle reactiemogelijkheden nodig. Bovendien kan een aanslag van een Iraanse drone of raket op Amerikaanse marineschepen Amerikaanse doden tot gevolg hebben, wat de druk op Trump om te escaleren enorm zou opvoeren.
Onzekerheid over Iraanse capaciteiten blijft groot. De VS zegt de Iraanse marine hard te hebben getroffen, maar in praktijk varen nog weinig schepen door de zeestraat, wat juist wijst op de afschrikkende werking van Iran. Bekkering vermoedt dat de Revolutionaire Garde reservemiddelen heeft — kleine speedboten, anti-scheepsraketten en drones — en dat Iran mogelijk ook mijnen heeft gelegd in delen van de Golf. Mijnen zijn moeilijk te vinden en te ruimen en veroorzaken bovendien al angst bij schippers, onafhankelijk van bewijs van plaatsing.
Washington riep bondgenoten op om onder meer mijnenjagers te sturen; Europese landen beschikken daarover in grotere aantallen, ook Nederland heeft mijnenbestrijdingscapaciteit. Reacties binnen Europa en binnen de NAVO zijn verdeeld: EU-buitenlandchef Kaja Kallas zegt dat lidstaten bespreken wat mogelijk is, maar landen als Nederland, Frankrijk en Duitsland tonen terughoudendheid. Duitsland benadrukt dat het geen eigenlijke NAVO-missie moet worden — “het is niet onze oorlog” — terwijl de Britten werken aan een plan om de scheepvaart te beschermen. Premier Jetten vindt een missie op dit moment te vroeg. Bekkering wijst erop dat het NAVO-verdrag dergelijke bilaterale conflicten niet automatisch onder de collectieve defensieplannen laat vallen; de VS vraagt om hulp buiten de verdragsorganisatie om.
Analisten waarschuwen dat Trump met zijn eisen ook politieke druk uitoefent op bondgenoten — mogelijk zelfs met dreiging van Amerikaanse terugtrekking — en dat de situatie in Oekraïne de afhankelijkheid van de VS voor Europese veiligheid extra zichtbaar maakt. Bekkering pleit er voor dat Europa meer eigen maritieme aanwezigheid en partnerschappen in de regio ontwikkelt: niet per se meteen een escortmissie, maar wel maatregelen die afschrikken en de continuïteit van vitale handelsroutes beschermen.