Trump wekt woede: Nederlanders willen merken als Coca-Cola en M&M's boycotten
In dit artikel:
Een peiling onder ruim 17.000 leden van het RTL Nieuwspanel (20–21 januari 2026) laat zien dat de acties van president Donald Trump — van handelsdreigementen en praatjes over het innemen van Groenland tot suggesties over Venezuela — het imago van de Verenigde Staten in Nederland flink hebben beschadigd. Een meerderheid ziet de VS niet langer als stabiele wereldmacht en nog maar één op de vijf verwacht dat de trans-Atlantische alliantie met Europa ongewijzigd blijft.
Het “Groenland‑geval” fungeerde voor veel respondenten als breekpunt: velen vinden dat Denemarken niet moet toegeven aan wat zij als druk of chantage beschouwen en ervaren Trumps toon als onacceptabel. Als reactie steunt 72 procent een handelstarief van 10 procent en 55 procent geeft aan al dan niet van plan te zijn minder Amerikaanse producten te kopen.
Praktisch boycotten is lastiger dan het klinkt. Retailexpert Paul Moers schat dat ongeveer de helft van de supermarktartikelen verbonden is aan Amerikaanse concerns — voorbeelden zijn Chaudfontaine (Coca‑Cola), Milka/Toblerone (Mondelēz) en Pampers (Procter & Gamble) — waardoor herkomst voor consumenten vaak onzichtbaar is. Om die reden pleit men voor duidelijke labels; Denemarken heeft al stappen in die richting gezet. Twee ondernemers ontwikkelden bovendien de app Brandsnap: met een productscan toont die of iets Amerikaans is en suggereert Europese alternatieven. De app heeft circa 50.000 gebruikers en ziekt in gebruik na ophef van Trump.
Economisch effect van een consumentencampagne is dubbel: lagere omzet raakt vooral de aandeelhouders van Amerikaanse bedrijven, maar doordat productie vaak lokaal plaatsvindt kunnen ook Europese banen en fabrieken mee worden getroffen. Een haalbaar alternatief vormen huismerken — van goede kwaliteit en vaak Europees geproduceerd — al blijven sommige Amerikaanse iconen (zoals M&M’s en McDonald’s) moeilijk volledig te vervangen.
De studie is gewogen representatief op leeftijd, geslacht, opleiding, werkzaamheid en politieke voorkeur en geeft een beeld van groeiende onvrede en de complexe keuze tussen politieke reactie en economische afhankelijkheid.