Trump struikelt over Straat van Hormuz in zijn Iranoorlog
In dit artikel:
Iran heeft de zeestraat van Hormuz de facto buiten gebruik gesteld, waardoor een cruciale schakel voor de wereldeconomie is afgesloten en wijdverbreide verstoringen in olie- en meststoffentransport ontstaan. De sluiting volgt op een escalerende oorlog waarin de VS en Israël een luchtcampagne tegen Iran voeren; de afgelopen weken zijn zeker achttien koopvaardijschepen in of nabij de Straat van Hormuz aangevallen. Hierdoor liggen honderden tankers en vrachtvaartuigen voor anker aan weerszijden van de doorgang en is het normale verkeer sterk teruggelopen.
President Donald Trump heeft herhaaldelijk beloofd dat het conflict snel voorbij zal zijn, maar hij heeft niet de middelen of een overtuigende strategie aangereikt om de Straat te heropenen. In plaats daarvan heeft hij Europa en NAVO-bondgenoten opgeroepen om militaire bijstand te verlenen, met name door marineschepen te sturen om koopvaardijschepen in konvooi te begeleiden. Die oproep viel deze week in dovemansoren: zowel EU-lidstaten als NAVO-partners weigerden gezamenlijk en individuele Europese landen tonen weinig animo voor actieve betrokkenheid. Dat is opmerkelijk omdat Trumps verzoek een zeldzame positie van afhankelijkheid toont — en omdat Europese landen economisch veel te verliezen hebben als de blokkade aanhoudt.
De strategische waarde van de Straat van Hormuz is groot: op het smalste punt is de doorgang zo’n 39 kilometer breed en via deze route verlaat ongeveer een vijfde van de wereldolieproductie en een groot deel van de mondiale meststoffen de Perzische Golf. De onmiddellijke gevolgen van de sluiting zijn onder meer een scherpe stijging van verzekeringspremies voor schepen die de regio willen passeren (van circa 0,02–0,05 procent vóór het conflict naar 0,5–1 procent of meer nu) en extreem hoge risico-opslagen voor schepen met een connectie naar de VS of Israël (tot ongeveer 5 procent). Dat vertaalt zich in veel hogere vervoerskosten—bijvoorbeeld miljoenen euro’s extra voor een olietanker—en verstoorde aanvoerketens wereldwijd.
Militaireroutes waarmee schepen zouden worden beschermd blijken in de praktijk lastig uitvoerbaar. Effectieve escorte-operaties vereisen doorgaans één oorlogsschip per één of twee handelsvaartuigen, wat een enorme vlootinzet vraagt. De VS hebben niet genoeg schepen direct beschikbaar in de regio en het sturen van versterkingen kost weken, terwijl de Amerikaanse marine zelf grote delen van de Straat zoveel mogelijk ontwijkt vanwege het aanvalsrisk. Een alternatief—een Amerikaanse bezetting van delen van de Iraanse kust—wordt door analisten als onpraktisch en gevaarlijk beschouwd: het vergt veel grondtroepen en zou die troepen kwetsbaar maken voor aanvallen vanuit het bergachtige achterland.
Kortom: Iran kan het scheepvaartverkeer in de Straat van Hormuz blijvend bedreigen via raketten, drones, zeemijnen en sabotage, terwijl westerse aanvallers geen haalbaar, geloofwaardig plan hebben gepresenteerd om dat te stoppen. Europa weigert mee te doen aan een militaire escortemissie, ondanks het eigen economische belang, omdat er simpelweg geen overtuigende en uitvoerbare optie bestaat om de doorgang snel en veilig te herstellen. Trump reageerde op de afwijzing met de kreet op Truth Social dat “hulp van niemand” nodig is, maar concreet alternatief ontbreekt, waardoor de economische en geopolitieke spanningen zullen toenemen zolang het conflict voortduurt.