Trump stelt dat ook andere presidenten zonder toestemming congres oorlog voerden
In dit artikel:
Donald Trump blijft volhouden dat hij geen toestemming van het Amerikaanse Congres nodig heeft om militairer acties tegen Iran voort te zetten. Hij stelt dat de War Powers Resolution van 1973 — die presidentshandelen in oorlogstijd moet begrenzen — door zijn voorgangers "nooit gebruikt" zou zijn en ongrondwettelijk zou zijn. Juristen en de recente geschiedenis schetsen echter een genuanceerder beeld.
De War Powers-wet verplicht een president om binnen 60 dagen na inzet van Amerikaanse troepen te stoppen of om goedkeuring van het Congres te krijgen. Die termijn liep deze week af: 60 dagen na 28 februari, de datum waarop de regering het Congres informeerde over luchtaanvallen op Teheran. Trump en minister van Defensie Pete Hegseth beweren dat de klok stopte toen een wapenstilstand inging, maar deskundigen zeggen dat de tekst van de wet geen uitzondering maakt voor zo’n pauze; juridisch blijft de originele termijn gelden tenzij het Congres anders beslist.
De praktijk van eerdere presidenten toont zowel naleving als omzeiling. Reagan vroeg en kreeg in 1983 goedkeuring voor mariniers in Libanon; George H.W. Bush vroeg instemming voor de Golfoorlog; George W. Bush ontving mandaten voor Afghanistan en Irak. Tegelijk voerde Bill Clinton in 1999 een 78 dagen durend bombardement in Kosovo zonder expliciete goedkeuring, en Obama hield in 2011 de Libië-operatie langer vol door te betogen dat die niet viel onder de definitie van "vijandelijkheden".
Politicologen vinden dat het feit dat anderen soms rond de wet manoeuvreerden Trump niet automatisch vrijpleit. Het conflict met Iran is volgens Trump relatief kort, maar het blijft onduidelijk hoe en wanneer hij het wil afsluiten — en of het Congres zich uiteindelijk zal mengen of een formele autorisatie zal eisen.