Trump raadde de spelers van Iran een verblijf in Arizona af. Mexico ontving ze hartelijk: 'Welkom in Tijuana'
In dit artikel:
De Iraanse nationale ploeg bereidt zich tijdens het WK in een zwaar beveiligd kamp in Tijuana voor, nadat de oorspronkelijke plannen om in Arizona te verblijven werden stopgezet door de uitbraak van oorlog tussen Iran en de Verenigde Staten. Spelers verlaten dagelijks het met militaire controle en hekwerk omgeven Marriott Hotel, tekenen handtekeningen voor fans en reizen onder politie-escorte met sirenes naar trainingsveld en stadion van Club Tijuana. De Mexicaanse club heeft het elftal verwelkomd met grote doeken in Spaans, Engels en Farsi en stelt faciliteiten beschikbaar voor twee trainingen per dag.
Het besluit om het basiskamp naar de Mexicaanse grensstad te verplaatsen kwam nadat de VS, volgens de Iraanse kant, de veiligheid van het team in het land niet kon garanderen en sommige hoge functionarissen Iran zelfs afraden te komen. FIFA-directies en de Mexicaanse president Claudia Sheinbaum speelden een rol bij het vinden van een oplossing: Tijuana, gelegen aan de westkust net als speelsteden Los Angeles en Seattle, bleek logistiek en politiek het meest haalbaar. De keuze is historisch: voor het eerst is een gastland in oorlog met een deelnemend land tijdens een WK.
Politieke spanningen beïnvloeden het Iraanse verblijf in meerdere opzichten. Diverse stafleden, waaronder Mehdi Taj, de president van de Iraanse voetbalbond en voormalig commandant bij de Islamitische Revolutionaire Garde, kregen geen visum voor de VS vanwege hun banden met de IRG. Taj verscheen wel bij de laatste training in Tijuana om de situatie toe te lichten en droeg een speldje met het nummer 168 — een verwijzing naar slachtoffers van een Amerikaanse luchtaanval volgens hem — als politieke statement. Ook Iraanse journalisten kregen geen toegang; verslaggevers zoals Hatam Shiralizadeh van het door de staat gelieerde Tasmin konden geen afspraken maken bij de Amerikaanse ambassade en zijn verhinderd het toernooi ter plaatse te verslaan.
De spelers zelf geven geen interviews uit vrees voor repercussies richting henzelf of hun familie binnen Iran, terwijl Iraanse oppositie en de diaspora juist kritisch zijn op voetballers die zich niet uitspreken over het binnenlandse repressionele beleid. Deze gespannen positie illustreert de tegenstelling tussen sportieve ambities en politieke druk: hoewel er grote steun onder fans is — lokale Mexicanen en in Tijuana gevestigde Iraniërs tonen enthousiasme en verzamelen handtekeningen — speelt de geopolitiek voortdurend mee.
Er waren momenten waarop Iran bijna geheel had afgehaakt. Na berichten dat de Amerikaanse autoriteiten de Iraanse ayatollah Ali Khamenei hadden gedood, verklaarde de Iraanse minister van Sport dat deelname onmogelijk zou zijn; uiteindelijk leidde bemiddeling van FIFA-voorzitter Gianni Infantino tot behoud van deelname, maar met de concessie van verplaatsing naar Mexico. Alleen deelname aan de wedstrijden in de VS zelf bleef gehandhaafd; het team reist per bus en grensovergang richting speelsteden.
De veiligheidsmaatregelen in Tijuana zijn streng: toegang tot het Estadio Caliente verloopt via checkpoints met militairen, drones rond het stadion zijn verboden en de Mexicaanse overheid heeft extra beveiliging ingezet. Onduidelijk is hoeveel Iraanse supporters bij de eerste WK-wedstrijd in Los Angeles aanwezig zullen zijn; de Iraanse bond meldde dat toegewezen kaartjes door FIFA zonder verklaring waren ingetrokken. Toch verwachten lokale Iraniërs en restauranthouders dat veel landgenoten en sympathisanten het team zullen ondersteunen, ook in de VS.
Kortom: het Iraanse WK-kamp in Tijuana is een praktische en symbolische reactie op een conflict dat sport en diplomatie dwarszit. De ploeg kan spelen en trainen, maar doet dat onder uitzonderlijke veiligheids- en politieke voorwaarden: staf en journalisten worden geweerd uit de VS, spelers houden zich stil om risico’s te vermijden, en de logistiek van toernooideelname is aangepast aan de geopolitieke realiteit. Dit alles benadrukt hoe moeilijk het is sport los te koppelen van internationale spanningen wanneer landen in oorlog met elkaar verkeren.