Tot voor kort onaantastbaar, maar nu dreigt alles in te storten: hoe moet het verder met Italiaans premier Giorgia Meloni?

donderdag, 26 maart 2026 (11:50) - VRT Nieuws

In dit artikel:

Een referendum over hervorming van het Italiaanse rechtssysteem is uitgegroeid tot een politieke crisis voor premier Giorgia Meloni. De kiezers verwierpen de belangrijkste hervormingen — onder meer een scherpere scheiding tussen rechters en openbare aanklagers en maatregelen om processen te versnellen — omdat critici vreesden dat die vooral meer politieke controle over magistraten mogelijk zouden maken. Vooral jonge kiezers (18–34) keerden zich tegen de voorstellen, waarna het referendum functioneerde als een brede beproeving van het vertrouwen in de regering.

De nasleep leidde tot meerdere opstappende bewindspersonen. Tourismeminister Daniela Santanchè trok zich terug en schreef in haar ontslagbrief: "Ik zal gehoorzamen aan de eerste minister en opstappen. Ik ben het gewend om mijn eigen rekeningen te betalen, maar soms ook die van anderen." Ook de kabinetschef van Justitie en een onderstaatssecretaris van Justitie namen ontslag; allen stonden al politiek verzwakt — Santanchè werd onder meer met boekhoud- en faillissementsvragen geconfronteerd, en de onderstaatssecretaris was gefotografeerd met een figuur die aan maffianetwerken gelinkt werd.

Politiek analisten spreken van een "terremoto post-referendum": de uitslag heeft het tot nu toe stabiele evenwicht binnen Meloni’s coalitie van vier partijen flink verstoord. Er ontstaan openlijke spanningen en hernieuwde kritiek, ook binnen Forza Italia, de partij van de overleden Silvio Berlusconi. VRT NWS-correspondent Willem Van Mullem merkt op dat er "een parfum van vervroegde verkiezingen in de lucht" hangt — de uitslag wordt gezien als test voor Meloni en kan zowel interne herstructurering als een vroegtijdige stembusgang aanwakkeren.

Toch is de situatie ambivalent. Meloni wordt internationaal nog als een invloedrijke leider gezien en haar partij noteert in peilingen nog goede cijfers, terwijl haar coalitiepartners terrein verliezen. Dat maakt de balans fragiel: vervroegde verkiezingen zouden haar positie kunnen versterken of juist leiden tot een herconfiguratie van de meerderheid. Tegelijk stapelen externe problemen — van de oorlog in het Midden-Oosten tot stijgende brandstofprijzen en algemeen ongenoegen onder de bevolking — de druk op de regering op; het oude Italiaanse adagium "Piove, governo ladro" (“Het regent, dus de regering is een dief”) lijkt opnieuw van toepassing.

Meloni houdt zich publiekelijk stil, maar achter de schermen worden al maatregelen genomen om losse eindjes af te werpen. Of dat genoeg zal zijn om de politieke storm te doorstaan of dat zij zelf voor een vlucht naar voren kiest met vervroegde verkiezingen, blijft onzeker.