Testritje met antimaterie gelukt: 'Dit is het begin van een nieuw tijdperk'
In dit artikel:
CERN-onderzoekers onder leiding van Stefan Ulmer hebben voor het eerst antimaterie over de weg vervoerd: een proefrit op het terrein van de Zwitserse instelling duurde ongeveer een half uur en keerde veilig terug. In een speciaal ontworpen container zaten 92 antiprotonen; na enkele kilometers rijden bleken er nog genoeg deeltjes aanwezig om het experiment als geslaagd te bestempelen. Ulmer reageerde enthousiast: "Dit was een succes. Het ging uitstekend."
De draagbare opslagunit houdt de antiprotonen zwevend in magnetische en elektrische velden bij circa −269 °C, waardoor elk contact met gewone materie vrijwel uitgesloten is. De kast is zo groot als twee vrieskisten en weegt ongeveer een ton — veel handzamer dan eerdere opslagsystemen. Een belangrijke technische vraag was hoe de deeltjes zich zouden houden bij optrekken, remmen en hobbels; zelfs een volledige annihilatie van de lading zou geen gevaar voor de omgeving opleveren, omdat de vrijgekomen energie verwaarloosbaar klein is.
Het uiteindelijke doel is om antimaterie naar andere Europese laboratoria te vervoeren, omdat de vangkasten bij CERN storing veroorzaken voor uiterst nauwkeurige metingen. Voor 2029 staat een geplande rit naar Düsseldorf op de agenda, waar men de antiprotonen veel preciezer wil bestuderen om inzicht te krijgen in het materie–antimaterie‑onevenwicht dat na de oerknal ontstond. Harde randvoorwaarden blijven wel: de container draait nu op een accu van vier uur, terwijl de trip naar Düsseldorf tien uur vergt; daarom werkt het team aan een generator en verdere verbetering van autonomie en robuustheid.