Terwijl export en tech bloeien zitten veel Chinezen aan de budgetnoedels
In dit artikel:
In Peking is het Nationale Volkscongres begonnen, waar overheidsleiders deze week belangrijke keuzes voor de economie bekendmaken: morgen wordt de nieuwe groeidoelstelling onthuld — naar verwachting voor het eerst onder de 5 procent — en het langverwachte vijfjarenplan tot 2030 wordt gepubliceerd. Dat plan zal richting geven aan beleid, met naar verwachting extra nadruk op zelfvoorziening, hoogwaardige maakindustrie en technologische ontwikkeling.
De huidige realiteit is verdeeld: aan de ene kant noteert China recordexporten en groeit de technologiesector, aan de andere kant blijft de binnenlandse vraag zwak en voelen veel huishoudens en kleine bedrijven de pijn. In Peking leidt dat zichtbaar tot faillissementen in winkels en horeca; goedkopere ketens winnen terrein omdat zij dankzij schaalvoordelen hun prijs laag kunnen houden.
Een voorbeeld is de nieuw geopende "Zes Renminbi Noedelkoning", waar een kom noedels circa €0,80 kost — veel goedkoper dan het stadsdebatgemiddelde van €2–3. Eigenaar Cai legt uit dat het concept draait om besparen op alles en werken met kleine marges maar hoge omzetten. Klanten zijn vooral taxichauffeurs, klusjesmannen en bezorgers: mensen met laagdrempelige, flexibele banen die weinig opleiding vereisen.
Een bezorger, Hu Zhu, illustreert de individuele kant van de malaise: hij verdiende na ontslag van een kantoorbaan 25–35 euro per dag en ervaart dat werkgevers jongere, goed lenige medewerkers prefereren boven 30-plussers. Dat probleem wordt verergerd door het opleidingsniveau: ongeveer twee derde van de Chinezen heeft geen middelbareschooldiploma, wat de instroom naar sectoren als elektrische auto’s en halfgeleiders — en de weerbaarheid tegen automatisering — beperkt.
Tegelijk heerst in het zakendistrict van Peking optimisme. Werknemers in bankwezen, handel en techinvesteringsfondsen zien het vijfjarenplan als een kans om innovatie en technologie extra te steunen. De centrale vraag deze week is dan ook of Peking beleidsinstrumenten inzet om de brede binnenlandse economie te stimuleren, of juist hoopt dat sterke, door de staat gesteunde sectoren de rest van de economie mee omhoog trekken.