Terwijl de VS zich verslikt in Iran, wil China graag de stabiele partner zijn
In dit artikel:
China riep Iran en de Verenigde Staten dinsdag op om te starten met vredesbesprekingen en positioneert zich daarmee als de ‘verantwoordelijke’ grootmacht tegenover wat het wegzet als Amerikaanse avonturen. Buitenlandminister Wang Yi belde woensdag zijn Iraanse ambtgenoot Abbas Araghchi en zei daarbij dat "praten altijd beter is dan vechten", en Peking spoorde Iran aan via dialoog een uitweg uit het conflict te vinden. Eerder riepen ook andere Chinese functionarissen op tot de-escalatie.
Analisten zien in deze diplomatie een bewuste beeldvorming. China wil zich presenteren als rustig en stabiel, in contrast met de vermeende roekeloosheid van de VS, zo stelt China-specialist Frans‑Paul van der Putten. Raoul Bunskoek van het Clingendael China Centre noemt de crisis in Iran een propagandakans: het past in het bestaande narratief dat Amerika imperialistisch optreedt, zonder dat China daar veel voor hoeft te doen. Tegelijk is de realiteit complexer: Peking voert in de Zuid-Chinese Zee een assertief beleid en gebruikt economische invloed als instrument.
Wat betreft Taiwan verandert de situatie volgens de experts weinig aan China’s voorkeur voor een geleidelijke hereniging zonder open oorlog. Wel waarschuwen zij dat China zou reageren als Taiwan formeel onafhankelijk wordt of de VS ingrijpt. Politieke onrust elders geeft China ook propaganda- en strategisch voordeel doordat de VS troepen uit Azië naar het Midden-Oosten verplaatst, wat de indruk wekt dat het Amerikaanse leger niet overal tegelijk kan opereren.
Economisch heeft China minder last van mogelijke energiestoringen door de oorlog. Dankzij grote invoer van Russisch gas dit jaar zijn de voorraden goed gevuld; de aanvoer van steenkool blijft grotendeels onaangetast. Met enorme investeringen in hernieuwbare energie en kernenergie is China steeds minder afhankelijk van olie en gas: volgens het Centre for European Reform komt in 2025 naar schatting 40 procent van de elektriciteit uit hernieuwbare en nucleaire bronnen, en vormen olie en gas nog ongeveer 26 procent van de energievoorziening (in Europa circa 60 procent).
Of Peking na Wang Yi’s oproep verdere stappen neemt om de crisis te begeleiden, is onzeker. China heeft in 2023 nog bemiddeld tussen Iran en Saoedi-Arabië, maar het huidige wantrouwen tussen China, de VS en Israël maakt een leidende rol minder vanzelfsprekend. Intussen profiteert China van nauwe betrekkingen met Teheran: Chinese schepen kunnen beperkt de Straat van Hormuz passeren en veel van Iran’s uitvoer gaat richting China, vaak tegen lagere prijzen.