Terwijl de miljarden naar klimaat en asiel klotsen, storten onze eigen Nederlandse wegen en bruggen in
In dit artikel:
Lokale overheden luiden de noodklok: wegen, bruggen, tunnels en kademuren in Nederland verkeren door jarenlange verwaarlozing in zo’n slechte staat dat provincies en gemeenten vandaag dreigen delen van de infrastructuur te sluiten als het Rijk niet snel miljarden bijlegt. Gemeenten en provincies beheren naar schatting ongeveer 80% van de landelijke infrastructuur, en veel objecten zijn 50–60 jaar oud, waardoor grootschalige vervanging of ingrijpende renovatie nodig is.
Een grootschalig onderzoek in februari concludeerde dat er jaarlijks minimaal €1,5 miljard extra nodig is om de bestaande infrastructuur veilig en operationeel te houden. Bestuurders waarschuwen dat zonder centrale hulp er direct maatregelen moeten komen zoals gewichtsbeperkingen op bruggen en langdurige afsluitingen van wegen, met grote gevolgen voor vrachtverkeer, forenzen en de bereikbaarheid van havens en bedrijven. Gedeputeerde Harry van der Maas (Zeeland, namens het Interprovinciaal Overleg) zegt expliciet dat bij bepaalde bruggen gewichtsbeperkingen zullen worden ingevoerd en dat wegen mogelijk volledig dicht moeten.
De hogere herstelkosten worden toegeschreven aan meerdere factoren: groeiend goederen- en personenvervoer, sterke prijsstijgingen door inflatie, en extra vertragingen en kosten door milieueisen (zoals duurzaamheidseisen en stikstofregelgeving). Het artikel legt daarnaast politieke verantwoordelijkheid bij het kabinet en hekelt volgens de auteur prioriteiten in Den Haag, zoals uitgaven aan klimaatprojecten, asielopvang en internationaal beleid, die ten koste zouden gaan van binnenlandse investeringen.
In maart zouden minister Karremans en staatssecretaris Bertram aan de Kamer hebben laten weten dat er “scherpe keuzes” nodig zijn, een formulering die in het stuk wordt geïnterpreteerd als het accepteren van verslechterde bereikbaarheid voor automobilisten. Het artikel bevat daarnaast een oproep aan lezers om de publicerende organisatie te steunen en benadrukt dat zonder ingrijpen op korte termijn economische schade en verslechtering van vitale infrastructuur vrijwel onvermijdelijk zijn.