Studie Jiddisch stopt aan Universiteit van Amsterdam
In dit artikel:
Sinds 2022 kon aan de Universiteit van Amsterdam Jiddisch als keuzevak gevolgd worden, dankzij een vierjarige subsidie van de Rothschild Foundation in Londen. Die financieringsperiode is inmiddels verlopen, en door grote bezuinigingen op de geesteswetenschappen kan de UvA het vak niet overnemen. De faculteit zoekt dringend nieuwe geldschieters; het bedrag dat nodig is circa 20.000 euro per jaar.
Dr. Daniella Zaidman‑Mauer, opgegroeid in de orthodoxe gemeenschap in Antwerpen, gaf de lessen en reist daarvoor vanuit Israël naar Amsterdam. Ze is ook verbonden aan de Bar‑Ilanuniversiteit. Voor haar is het wegvallen van de cursus een groot verlies; voor studenten betekent het dat de mogelijkheid om Jiddisch op academisch niveau te leren verdwijnt. Onderzoeksstudenten blijven wel begeleid worden door specialisten als prof. dr. Bart Wallet en prof. dr. Irene Zwiep, die zelf Jiddisch beheersen.
Het vak heeft inhoudelijk gewicht: Jiddisch (Hebreeuws‑Duitse mengtaal van Oost‑Europese Joden) is cruciaal om bronnen van het Europese Joodse verleden te lezen en om hedendaagse orthodoxe gemeenschappen in steden als Antwerpen, Manchester en New York te begrijpen. In Nederland spreken naar schatting zo’n 300 mensen Jiddisch; wereldwijd zijn het meer dan een miljoen. Aangezien Jiddisch in Nederland status heeft als erkende minderheidstaal, rijst de vraag of en hoe de overheid bijdraagt aan behoud en onderwijs. Universitaire alternatieven in de Benelux ontbreken; de dichtstbijzijnde opleiding is in Düsseldorf, waardoor het verdwijnen van de UvA‑cursus een serieus knelpunt vormt voor de academische instroom en taalkundige overdracht.