Strengere regels voor huizenkopers: 'Maximale hypotheek flink omlaag bij studieschuld'

woensdag, 28 januari 2026 (08:59) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Strengere regels zorgen dit jaar dat een studieschuld zwaarder meeweegt bij het bepalen van de maximale hypotheek, waardoor oud-studenten vaak duizenden euro’s minder kunnen lenen. Dat blijkt uit onderzoek van prijsvergelijker Independer; hypotheekexpert Marga Lankreijer-Kos licht toe dat de aangescherpte woonquote hiervoor verantwoordelijk is. De woonquote — het door Nibud jaarlijks vastgestelde percentage van het brutojaarinkomen dat maximaal aan woonlasten mag worden besteed — bepaalt mede hoeveel je mag lenen.

Praktisch voorbeeld: iemand met een brutojaarinkomen van €45.000 en €200 maandelijkse aflossing op de studieschuld kan dit jaar net iets meer dan €160.000 lenen, ruim €7.000 minder dan een jaar eerder. Dat komt doordat de maandelijkse aflossing de beschikbare bestedingsruimte vermindert en zo de leenruimte beperkt.

De rente op studieschulden veranderde dit jaar ook: wie over 35 jaar terugbetaalt ziet de rente dalen van 2,57% naar 2,33%, terwijl voor wie binnen maximaal 15 jaar moet aflossen de rente juist stijgt van 2,21% naar 2,29%.

Verder waarschuwt Independer dat veel ex-studenten hun schuld niet correct invullen bij hypotheekaanvragen. Banken rekenen bij de leenberekening doorgaans met de volledige maandlast; wie ten onrechte 0 euro invult omdat aflossing is uitgesteld, krijgt daardoor een onjuiste berekening van de maximale hypotheek. Een concreet stelvoorbeeld: gezamenlijk inkomen €90.000 met €400 maandelijkse aflossing levert bij een 10-jaars hypotheek ongeveer €325.000 leenruimte op, tegenover €430.000 zonder studieschuld — een verschil van ruim €100.000.

Kortom: zowel strengere woonquotering als verschillen in rente en foutieve invulling van studieschulden kunnen aanzienlijk invloed hebben op de koopkracht van voormalige studenten op de huizenmarkt. Controleer je gegevens en laat je bij twijfel adviseren door een hypotheekadviseur.